Youssra Zouaghi Beeld Iris Tempelaar
Youssra ZouaghiBeeld Iris Tempelaar

PREMIUM

Youssra Zouaghi (32) werd misbruikt en mishandeld door haar familie: ‘Ik was het kind dat nooit lachte’

Als kind werd Youssra Zouaghi (32) misbruikt en mishandeld door haar familie. Na lang te hebben gezwegen, schreef ze een boek. “Dit is wat ik heb meegemaakt, ik ben trots dat ik het heb overleefd.”

“‘Ik denk dat je een posttraumatische stress-stoornis hebt,’ zei de psycholoog. Een minuut daarvoor had ik mijn leven in één zin samengevat alsof het niks was. Ik kwam bij haar voor burn-outklachten. Ik was voor het eerst moeder geworden, weer begonnen met werken en zat niet lekker in mijn vel.”

PTSS

“Toen de psycholoog vroeg naar mijn jeugd, zag ik er niet de relevantie van in en antwoordde ik gedachteloos: ‘Ik ben seksueel misbruikt door familieleden, verkracht, verwaarloosd door mijn vader die verslaafd was en moest op jonge leeftijd alleen voor mijn gehandicapte zusje zorgen.’ De psycholoog knikte, maar zei niks. ‘Nou, dat dus,’ zei ik schouderophalend om de stilte te doorbreken. Voorzichtig sprak ze haar vermoeden uit dat niet het moederschap, maar mijn onverwerkte jeugd mij belastte. Alles viel op z’n plek toen ik de diagnose PTSS hoorde.”

Wrede jeugd

“Alsof ik voor het eerst kon zien dat het niet normaal is wat ik heb meegemaakt. Dat ik een wrede jeugd heb gehad. Ergens voelde het als een opluchting dat er iets met mij aan de hand was. Dat mijn paniek, somberheid en korte lontje geen onderdeel waren van mijn karakter, maar symp-tomen van een psychisch probleem. De initiële opluchting die ik hierdoor voelde, maakte plaats voor alle emoties die ik had weggedrukt. Het was het begin van een emotionele achtbaan waartegen ik niet was opgewassen.”

Geweld

“Zolang ik leef, is mijn leven getekend door geweld. Volgens mijn moeder bedreigde mijn vader mij toen ik een jaar oud was al met de dood. Met een mes op mijn keel chanteerde hij mijn moeder niet uit het huwelijk te stappen dat hun ouders voor hen hadden gearrangeerd. Mijn moeder is op haar vijftiende uitgehuwelijkt aan mijn vader, die vanuit Marokko naar Nederland verhuisde. Liefde is er nooit geweest. Mijn vader is, volgens mijn moeder, altijd een narcist geweest met losse handjes. Mijn moeder wilde geen kinderen met hem, maar ze had geen keus. Op haar zestiende werd ze zwanger van mij. Toen ze mij voor het eerst in de ogen keek, ging er volgens haar een knop om.”

Ontsnappen

“Ondanks dat ik een kind van mijn vader was, kon ze voor mij wél liefde voelen. Mijn vader daarentegen heeft volgens mijn moeder nooit naar mij omgekeken. Het was onze redding dat mijn vader werd opgepakt voor drugssmokkel toen ik drie jaar was. Mijn moeder, die inmiddels zwanger was van mijn zusje, kon eindelijk ontsnappen aan de mishandelingen en dreigementen. De drie jaren die volgden zijn de enige vreedzame jaren die ik in mijn jeugd heb gekend. Ik had het fijn op school en mijn moeder kreeg een nieuwe partner die lief was voor mij en mijn zusje. Een beeld van mijn vader had ik niet. Ik wist dat hij bestond en dat hij in de gevangenis zat, maar we spraken nooit over hem. Hij speelde geen rol in ons leven.”

Speelgoedwinkel

“Alles veranderde na mijn zesde verjaardag. Op een middag stond er een man voor de deur die ik, zonder ooit een foto van hem te hebben gezien, herkende als mijn vader. De angstige blik op mijn moeders gezicht toen ik haar vertelde dat papa er was, vergeet ik nooit meer. Mijn moeder wimpelde hem af en hij vertrok zonder stennis te schoppen. Een paar weken later keerde hij terug met de vraag of ik met hem mee wilde naar een speelgoedwinkel.

Hij toverde een stapeltje briefjes van honderd gulden tevoorschijn uit zijn jaszak. ‘Je mag alles uitkiezen wat je wilt.’ Ik vond het supercool dat mijn vader blijkbaar rijk was en ik smeekte mijn moeder of ik mee mocht. Inmiddels weet ik dat ze instemde uit angst voor zijn boosheid. Mijn vader kocht zijn weg naar mijn hart. Ik wilde niks liever dan zijn aandacht. Eens in de zoveel weken stond hij weer onaangekondigd bij ons voor de deur. Ergens voelde ik dat mijn moeder het niet fijn vond, maar ze liet het toe.”

Moeder werd opgepakt

“Pas toen ik in kinderboosheid op de achterbank een keer schreeuwde dat ik ‘liever naar papa wilde’, voelde ik hoe groot haar haat was. Ze stopte de auto, zette mij langs de kant en reed weg. Ik heb nog nooit zo hard gehuild. Na een paar minuten kwam ze terug. ‘Wil je nog steeds naar je vader?’ Ik schudde schuldbewust nee en mocht weer instappen. Het is een bepalend moment in mijn leven. Voor het eerst leerde ik over het bestaan van verboden onderwerpen. Nooit had ik verwacht dat het uiteindelijk mijn moeder was over wie niet meer gesproken werd. Ze werd op mijn zevende opgepakt en veroordeeld voor een jarenlange gevangenisstraf.”

Toen begon de ellende

“Uit respect voor haar deel ik niet waarvoor ze is gearresteerd, maar ze verdween volledig uit mijn leven. Niemand vertelde mij wanneer ze terug zou komen of hoe het met haar ging. Ik was ontroostbaar. Mijn zusje en ik bleven bij de partner van mijn moeder, maar ik voelde mij ongelukkig en incompleet. Mijn moeder was mijn alles. Toen mijn vader na een paar maanden voor de deur stond met de vraag of ik bij hem wilde wonen, was ik dolblij; ik had weer een ouder in mijn leven. Mijn vader zei dat ik ‘zijn hart’ was en hij niet zonder mij kon leven. Ik was overrompeld en stemde zonder te twijfelen in. Aangezien de partner van mijn moeder geen wettelijke voogd was, kon hij er niks tegen inbrengen. Ik verhuisde dezelfde dag. Dat is het begin van alle ellende.”

Doodsbang

“Het beeld dat ik had van mijn lieve gulle vader, verdween diezelfde dag. Alles wat ik deed, leek hem te triggeren tot ongekende boosheid. Inmiddels weet ik dat dit kwam doordat hij verslaafd was aan harddrugs, maar als kind snapte ik er niks van. Hij hield toch van me? De klappen van mijn vader leerden mij af om emoties te tonen. Ik huilde niet, werd niet boos, lachte niet uitbundig en stopte alles wat afweek van neutraal weg. De momenten waarop ik wel emoties toonde, werden zwaar afgestraft. Mijn vader sloeg mij met riemen, kabels en bezems of sloot me op in de pikdonkere kruipruimte onder ons huis. Mijn moeder was een ‘vieze hoer’ en mijn vader ‘de grote redder’. Ik moest respect voor hem hebben en dankbaar zijn: zonder hem was ik alleen op de wereld. Ik geloofde hem. Ik was doodsbang en liep altijd op mijn tenen als hij thuis was.”

School was uitlaatklep

“Maar zijn aanwezigheid was niet vanzelfsprekend. Na school zwierf ik vaak uren over straat omdat hij weg was en geen sleutel had achtergelaten en hij bleef ook regel-matig nachtenlang weg zonder dat ik enig idee had waar hij was. Ik werd dan wakker in een leeg huis, zonder boodschappen en soms zelfs zonder warm water en elektriciteit omdat hij vergat de rekeningen te betalen. In die weken ging ik vaak met vieze kleren en honger naar school, hopend dat het niemand zou opvallen. Want ik wist dat ik klappen zou krijgen als iemand mijn vader zou aanspreken. Ik vond het op school niet moeilijk mijn verdriet te verbergen. School was mijn uitlaatklep. Het was de enige plek waar ik veilig was en kind kon zijn. Ik was dus oprecht vrolijk in het klaslokaal.”

Doodongelukkig

“Eén keer heb ik een brief naar huis meegekregen dat ik er onverzorgd bijliep. Ik gooide hem in de prullenbak. Ook een bezoekje van Jeugd-bescherming aan school maakte geen verschil. Ik durfde geen negatief woord over mijn vader te delen. Ik werd zó goed in het wegstoppen van emoties, dat ik betwijfel of ik na mijn zevende überhaupt nog bewust iets heb gevoeld. Ik was doodongelukkig.”

Zorg voor mijn zusje

“Boven op de verwaarlozing en mishandeling door mijn vader kwam de verantwoordelijkheid om voor mijn zusje te zorgen. Rond haar kleutertijd kwamen we erachter dat ze verstandelijk beperkt is. Ze kan niet praten, loopt motorisch achter en heeft extra zorg nodig. Mijn zusje is vlak na mij op verzoek van mijn vader bij ons ingetrokken. Ondanks dat hij geen liefde voor haar voelde, kon hij het niet verkroppen dat een andere man voor zijn kind zorgde. Ik kon niet anders dan de zorg op me nemen. Ik deed boodschappen, kookte, waste mijn zusje en zorgde ervoor dat ze klaar was voor haar dagopvang.”

Alle opa's doen dit

“Ik was nog niet eens een tiener, maar gedroeg me als een volwassene. Ondertussen hunkerde ik naar een moeder- of vaderfiguur die voor mij zou zorgen. Toen mijn opa, de vader van mijn vader, op mijn zevende zijn intrede deed in ons leven, was ik dan ook extatisch. Hij kwam eens in de zoveel tijd vanuit Marokko bij ons op bezoek. Hij speelde spelletjes met ons, knuffelde ons, las boekjes voor en bracht ons naar bed.

Als opa er was, voelde ons leven heel even normaal. Ik had dan ook nooit kunnen bedenken dat hij in staat was hetgeen te doen dat hij mij heeft aangedaan. ‘Het is goed, alle opa’s doen dit, je bent een lief meisje,’ ik hoor hem de woorden nog zeggen terwijl hij met zijn hand in mijn onderbroek zat. Ik had nog geen flauw benul van aanrakingen die wel of niet horen, maar alles in mij schreeuwde dat dit fout was. Die avond verloor ik mijn laatste restje kinderlijke onbevangenheid.”

Lees het verhaal van Youssra verder in Flair 4-2023. Meer van dit soort verhalen lees je wekelijks in Flair.

Jadrike BoelsIris Tempelaar

Op alle verhalen van Flair rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@flair.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden