Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Real Life > Lizette lijdt aan schizofrenie: ‘Ik sloot me op in huis. Ze troffen me uitgehongerd, vervuild en compleet in de war aan’

Lizette lijdt aan schizofrenie: ‘Ik sloot me op in huis. Ze troffen me uitgehongerd, vervuild en compleet in de war aan’

Lizette lijdt aan schizofrenie: ‘Ik sloot me op in huis. Ze troffen me uitgehongerd, vervuild en compleet in de war aan’

Dat je aan de buitenkant niets ziet, wil niet zeggen dat er niets is. Lizette (29) lijdt aan schizofrenie.

“Op de tast zoek ik het plastic potje in mijn tas. Ik draai de deksel los en laat er een pil uit glijden. Alles met één hand: een kwestie van oefenen. Want als ik me voor al mijn medicijnen moet terugtrekken, blijf ik bezig. Ik kuch en breng de pil onopvallend naar mijn mond. Helaas niet onopvallend genoeg. ‘Wat neem jij?’ vraagt mijn tafelbuurvrouw, een van de twaalf meiden op het vrijgezellenfeest van mijn nichtje. ‘Een vetverbrander,’ mompel ik. Mijn derde leugen van vanavond. Toen de fles bubbels op tafel kwam, zei ik dat ik alcohol vies vind. En bij het gesprek over werk vertelde ik trots over mijn baan bij een manege. Dat het op een sociale werkplaats is, verzweeg ik. Dat ik afgekeurd ben ook. Ik vind het veel te fijn om in dit clubje even normaal te lijken.

Ik weet dat niemand die ons luidruchtige groepje ziet zitten, zal vermoeden hoe erg ik uit de toon val. Aan mijn uiterlijk is niets te zien, ik ben een leuke meid met pretogen. Een tikje mollig, maar hé, wie bedenkt dat dit door antipsychotica komt? En door de vele andere medicijnen die ik slik om mijn gedachten op de rails te houden?

Ontspoorde

Ze ontspoorden voor het eerst toen ik twintig was. Ik woonde net op kamers en het was er gehorig. Zo gehorig dat ik de buren hoorde praten. Ze hadden het over mij. Net zoals mensen in de tram steeds vaker over me smoesden. Ze zeiden dat ik ongetwijfeld ontdekt zou worden als filmster. ’s Avonds oefende ik poses voor de spiegel. Toen begonnen de bedreigingen. Bekende Hollywoodsterren: ze waren bang voor mijn talenten, ving ik doorlopend op. Ze wilden me uitschakelen, zoals al zo veel meisjes waren uitgeschakeld. Er bestond een gruwelijke, moorddadige wereld achter al die zogenaamde glamour. De politie wuifde mijn verhaal weg, mijn ingezonden brieven naar kranten werden niet geplaatst. Vriendinnen lachten om mijn grote fantasie. Toen vonden ze het nog hilarisch. Totdat ik me opsloot in mijn huis en mijn ouders na meer dan een week de deur moesten forceren. Ze troffen me uitgehongerd, vervuild en compleet in de war aan.

Op een PAAZ-afdeling in een ziekenhuis kwam ik weer tot mezelf. Ik kon zelfs lachen om mijn eigen waanbeelden. Actrice, ik? Haha! En alsof iemand in Hollywood wist wie ik was. Ik wist zeker dat dit me nooit meer zou overkomen, dus pillen slikken was flauwekul. Zodra ik thuiskwam, stopte ik ermee. Na nog twee psychoses weet ik wel beter. Ik heb schizofrenie, en néé, dat is geen gespleten persoonlijkheid, waarbij ik mezelf soms een periode verlies in een volstrekt andere realiteit. De laatste keer was zo eenzaam en angstaanjagend, ik wil dat echt nooit meer laten gebeuren. Dus slik ik mijn pillen trouw en woon onder toezicht met anderen zoals ik, zodat er tijdig aan de bel kan worden getrokken als het nodig is. Dat is belangrijk, want elke psychose laat schadelijke sporen na in de hersenen. Ik wil geen zombie worden. Gelukkig is dat nog niet het geval, al praat ik iets trager dan anderen. Mijn nichtje heeft niemand iets verteld en deze avond waan ik me net zo normaal als alle andere meiden. We lachen, maken lol. Wel jammer dat ik om twaalf uur naar huis moet, voor de broodnodige, stabiele slaap. Ik pak de taxi en baal niet eens van de strenge leefregels waar ik me aan moet houden. Want nog een psychose, dat kan ik niet aan.”