Maryam Hassouni (37) gebroken door film en tv-industrie: ‘De eerste keer dacht ik dat het een incident was’

Maryam Hassouni Beeld Marloes Bosch
Maryam HassouniBeeld Marloes Bosch

Actrice Maryam Hassouni (37) onthult hoe het eraan toegaat in de Nederlandse film- en tv-industrie en vertelt hoe dit haar verwoestte. “De eerste scheuren in mijn onbevangenheid ontstonden toen ik op mijn negentiende werd aangerand door de regisseur.”

“Ik was gebroken. Ik dacht alleen maar aan overleven. Ik kon niet meer dromen van een toekomst als actrice. Het enige waar ik aan kon denken was hoe ik mezelf uit bed kon krijgen om naar de wc te gaan. Waar ik de kracht vandaan moest halen om eten in mijn lijf te krijgen. Mijn tanden te poetsen.”

Existentiële crisis

“Ruim twintig jaar werkzaam zijn in de Nederlandse film- en televisie-industrie had me verwoest. Ik kwam na mijn laatste rol in een grote televisieserie in een soort existentiële crisis terecht, omdat alles wat ik als kind had geleerd over het leven niet waar bleek te zijn. Ik had geleerd dat het rechtvaardig was dat de dader werd gestraft, niet het slachtoffer. Ik had geleerd dat jongens en meisjes gelijk zijn aan elkaar en dat je wordt beoordeeld op wat je kunt. Ik had geleerd dat als je hard werkt, het niet uitmaakt waar je wieg stond.”

Half doodgaan

“Het heeft heel lang geduurd voordat ik kon toegeven dat de wereld waarin ik me bevond niet zo werkte. Ik moest half doodgaan om in te zien dat niet ík het probleem was, maar de industrie. Achteraf denk ik weleens: had ik als tiener maar nooit gereageerd op de oproep voor de rol in de jeugdserie Dunya & Desie. Dan was me zo veel bespaard gebleven. Maar toentertijd voelde het magisch.”

Geen sprookje

“Ik was vijftien toen ik de oproep zag hangen in het dramalokaal van mijn middelbare school. Het was voor het eerst dat ik me realiseerde dat actrice zijn geen sprookje was, maar een mogelijke realiteit. Ik kom uit een simpel arbeidersgezin. Mijn ouders zijn vanuit Marokko naar Nederland gekomen in de hoop hun kinderen een beter leven te geven. Ze waren ervan overtuigd dat educatie dé manier was om de sociaal maatschappelijke ladder in Nederland te beklimmen.

Mijn broertje, zusje en ik hadden alle vrijheid om te doen wat we wilden, zolang we school niet verwaarloosden. Ik dacht altijd dat ik later rechten of psychologie zou gaan studeren, of filosofie als ik het bont maakte. Maar actrice worden, stond voor mij gelijk aan prinses worden. Het was niet echt, het was een spel. Ik beeldde me altijd in dat ik het meisje was in de oude Egyptische films die mijn moeder op videoband had.”

Uitlaatklep

“Ze beleefde fantastische avonturen, was grappig, kon zingen, dansen en muziek-instrumenten bespelen. Ik vond haar geweldig. Mijn moeder legde me als vierjarig meisje uit dat zij actrice was en vanaf dat moment werd het mijn droom om net als zij te worden. Ik wilde ook alles kunnen. Spelen werd mijn uitlaatklep. Op de basisschool vermaakte ik klasgenootjes met poppenkastvoorstellingen, thuis wilde ik mijn vader dagelijks minimaal één keer écht aan het lachen maken en op de middelbare school werd dramales het hoogtepunt van mijn week.”

“Ik was verlegen, maar als ik mocht spelen, ging ik aan. Dan voelde het alsof ik een andere wereld betrad waarin alles mogelijk was. Over een carrière als actrice dacht ik nooit na. Het was niks meer dan de fantasie van een kind. Totdat de industrie via de schoolmuren mijn werkelijkheid binnentrad.”

Dunya & Desie

“Mijn droom kwam uit toen ik het contract voor Dunya & Desie tekende. Ik herinner me nog hoe onwerkelijk het voelde toen ik mijn handtekening zette. Ik was daadwerkelijk als dat meisje geworden uit de Egyptische films. Ik stapte met kinderlijke onbevangenheid in de industrie en zag alles als een groot avontuur. Al op jonge leeftijd kwam alles in dienst te staan van mijn professionele leven. Vrienden en feestjes kon ik me niet veroorloven. Mijn focus ging uit naar acteren én studeren. Want niet studeren was geen optie.”

Femke ziet haar vriendin als een bedreiging

‘Ik ben bang dat ze mijn man afpakt’

Aangerand in industrie

“Omdat ik opgroeide in armoede, voelde ik hoe belangrijk het vangnet is dat een diploma kan bieden. Het was flink doorbijten, maar mijn ouders werkten ook altijd keihard, dus ik wist niet beter. Ik vond het fantastisch. De eerste scheuren in mijn onbevangenheid ontstonden toen ik op mijn negentiende tijdens een repetitie voor een toneelstuk werd aangerand door de regisseur. Een man die ouder was dan mijn vader. Terwijl ik tijdens de pauze een kopje thee inschonk, stond hij opeens achter me. Hij drukte zijn piemel tegen mijn kont en kneep in mijn billen. Ik verstijfde. Ik was me bewust van alles, maar had geen controle meer over mijn lichaam. Het was heel eng. De regisseur liep, na wat voor mij als minuten voelde, weg zonder iets te zeggen. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was.”

De zwarte lijst

“Compleet verdwaasd rondde ik de repetitie af, waarna ik huilend in de bus terug naar huis reed. Mijn moeder zei dat ik niet voor niets een agent had en dat ik die moest bellen. De volgende ochtend kreeg ik te horen dat ik niet meer welkom was op de repetities, dat ik op een zwarte lijst terechtkwam voor toekomstige producties en dat ik niet zou worden uit-betaald.

Nu ik hier als volwassen vrouw op terugblik, maakt dit me woedend. Mijn agent had me moeten aansporen aangifte te doen, ze had moeten vechten voor mijn rechten. Ik was niet degene die fout zat. Maar op dat moment was ik vooral opgelucht dat ik nooit meer met die viespeuk hoefde te werken.”

Zwijgen

“Ik was pas negentien. Ik was niet activistisch. Ik wilde gewoon spelen. Dat betekent niet dat het me niet raakte. Die dag verloor ik een stuk van mezelf. Ik leerde dat als ik wilde overleven in deze industrie, ik moest zwijgen. Dat ik mijn gevoelens ondergeschikt moest maken, omdat ík anders voor de gevolgen zou opdraaien. Tegelijkertijd dacht ik, naïef als ik was, dat het een op zichzelf staand incident zou zijn. Mijn moeder daarentegen maakte zich veel zorgen. Ze voelde dat het niet klopte. Had ik maar naar haar geluisterd.”

Een terrorist

“In de jaren na het toneelstuk kreeg ik snel door dat de sprankelende mensen die ik hoopte tegen te komen in de industrie, in feite burgerlijke, bekrompen types waren met een ambtenarenmentaliteit. Mensen die maken wat ze al kennen en waarvan ze weten dat het werkt. Door de jaren heen werd me een identiteit aangepraat.

Ik kon volgens de industrie niet net als het Egyptische meisje op onze videobanden alles zijn, ik was vooral geschikt als terrorist of meisje dat slachtoffer is van haar eigen ‘barbaarse zandbakcultuur’. Ik wil niet eens tellen hoe vaak ik ben uit-gehuwelijkt op beeld, hoe vaak ik een hoofddoek moest dragen of in een verhaallijn over straatcriminaliteit belandde.”

Excuus-allochtoon

“Spelen in deze rollen was geen zelfexpressie of uiting van vrijheid, maar van gevangenschap. Toch verlegde ik telkens mijn grenzen in de hoop de volgende keer een rol te krijgen waarbij mijn etniciteit niet werd geproblematiseerd. Maar zelfs als ik werd gevraagd voor een ‘witte rol’, was ik een soort bloempot op de achtergrond zonder interessante verhaallijn of zelfs zonder tekst. Ik fungeerde als excuus-allochtoon waardoor producenten een vinkje konden zetten achter het zogenaamd neerzetten van diversiteit.

‘Het Marokkaantje’

“Elke keer als ik voor mezelf opkwam en een constructief gesprek probeerde te voeren over waarom cliché-matigheden zo schadelijk zijn, werd er gezegd dat ik overgevoelig en negatief was. Een regisseur zei zelfs dat ik psychologisch onderontwikkeld ben, omdat ik als een niet-westerse vrouw in een westerse wereld leef. Oftewel: wat wist ik nou? Racisme op de set werd standaard voor mij. In plaats van met mijn naam werd ik vaak aangesproken met ‘het Marokkaantje’ of ‘het zwarte gat’”

Stukje van mezelf stierf

“Als we tijdens het draaien naar een andere locatie reden, maakten collega’s grappen over dat iedereen zijn of haar tas in de gaten moest houden ‘want er rijdt een Marokkaan mee’. Niemand kwam ooit voor me op en als ik het zelf deed, was ik ‘ongezellig’. Ook hier leerde ik dat zwijgen de enige optie was als ik ooit een kans wilde maken in deze industrie en niet als ‘de boze Marokkaan’ afgeschreven wilde worden. Tot mijn eigen walging, lachte ik soms zelfs mee. Ik ben er in die tijd achter gekomen dat het heel veel energie kost om niet jezelf te kunnen zijn. Om je gevoelens en de woorden die je het liefst zou willen uitschreeuwen, structureel te negeren. Elke keer dat ik een clichématige rol speelde, elke keer dat ik mijn mond hield, voelde ik dat er een klein stukje van mezelf stierf. Terwijl ik dit vertel, denk ik: chick, waarom ben je niet gestopt? Maar ik zat gevangen in mijn droom.”

Ondergang

“Mijn droom om gezien te worden als volwaardige actrice. Ik bleef jaar na jaar denken dat het bij mijn volgende rol anders zou zijn. Dat ik na het winnen van mijn Emmy voor beste actrice, als eerste Nederlandse en Marokkaanse vrouw, wél serieus zou worden genomen. Dat ik na het afronden van een prestigieuze toneelopleiding in New York, wél gecast zou worden. Ik stopte zelfs met mijn studie rechten om de industrie te laten zien dat werken als actrice mijn enige prioriteit was. Ik bleef geloven dat mijn talent op een dag zou worden gezien. Uiteindelijk werd die hoop mijn ondergang.”

Viespeuken

“Op mijn 27ste sprak ik met een regisseur die een arthouse film met me wilde maken, waarin ik de hoofdrol zou vervullen. Hij bleek een enorme viespeuk die me zag als zijn muze en zei van mij ‘een echte vrouw’ te willen maken. Ik walgde van hem, maar dacht: whatever. Een serieuze regisseur ziet iets in mij, de hele industrie zit vol viespeuken, dit is nou eenmaal waar je mee moet dealen als je actrice wilt zijn. Tijdens het neerzetten van de personages wilde de regisseur het telkens over seks hebben. Hij vroeg me wat nu ‘in’ was en specifiek hoe mijn kijk was op anale seks.”

Ziekelijke relatie

“Er was inmiddels een producent aangehaakt en ik wilde ondanks mijn groeiende ongemak niet moeilijk doen over iets als praten over seks. Ik was een volwassen vrouw, een professional, ik kon dit. De dynamiek tussen ons werd ziekelijk. Hij verwachtte dat ik altijd tot zijn beschikking stond om deel te nemen aan zijn creatieve proces. Ik moest constant mijn loyaliteit aan hem bewijzen. Hij bestookte me 24/7 met appjes, mailtjes, telefoontjes en uit angst een grote kans mis te lopen, probeerde ik krampachtig aan zijn eisen te voldoen.

Wederom schoof ik mijn gevoel opzij in dienst van mijn droom. Zelfs toen hij beelden van sexy vrouwen stuurde en openlijk toegaf seks met mij te willen, beëindigde ik onze samenwerking niet. De bom barstte pas toen hij drie dagen nadat ik een zware knieoperatie had ondergaan, waarvan hij op de hoogte was, een lange, woedende app stuurde over dat ik een dag te laat had gereageerd op het script. Het was een ‘doodzonde’ en hij ging op zoek naar een nieuwe actrice.”

Marije (33) ervoer geweld tijdens haar werk

‘Ik heb getwijfeld of ik aangifte zou doen’

Nooit meer op de set

“High van de pijnstillers las ik zijn tekst vol beschuldigingen. Ik had zo veel pijn dat ik door mijn moeder moest worden verzorgd en toch had ik in die omstandigheden gereageerd op zijn woorden. Maar het was voor hem nooit genoeg. Dit had niks met zijn film te maken. Hij was gewoon een ordinaire stalker. ‘Wat wil je van me? Wil je mijn lichaam neuken? Wil je mijn ziel hebben? Wat wil je godverdomme nog meer?’ schreeuwde ik woedend door de telefoon. Ik heb hem helemaal verrot gescholden.

De boosheid was zo overheersend, dat mijn lichaam ervan trilde. Terwijl mijn moeder me in haar armen heen en weer wiegde, zwoer ik de industrie af. Ik zou weer gaan studeren en nooit meer een stap op een set zetten. Ik was klaar. Dacht ik.”

Nog een kans

“Onder druk van mijn agent heb ik me toch laten verleiden de industrie nog een kans te geven. Ik was gevraagd voor een auditie voor een rol in een grote televisieserie en mijn agent zei dat ik het niet kon maken om zo last minute af te zeggen. Met een kater en zonder de tekst in te studeren, deed ik auditie. Het boeide me niks, ik wilde de rol toch niet. Ik was net opgekrabbeld en had het studeren weer opgepakt. ‘Kut’ was het eerste wat door mijn hoofd schoot toen mijn agent enthousiast over de telefoon vertelde dat ik was gecast. In de hoop bevestiging te vinden voor mijn ‘nee’ besloot ik toch in gesprek te gaan met de producent.”

Grootste fout

“Het tegenovergestelde gebeurde. Hij benadrukte iets vernieuwends te willen maken en ver weg te blijven van clichématigheden. Ik zou een stoere vrouw zijn met een gelaagde verhaallijn en mijn etniciteit zou niet geproblematiseerd worden. Ik was sceptisch, maar de al beschikbare scripts bevestigden zijn verhaal. Dit was de rol waar ik al die jaren op had gewacht. Eindelijk werd ik gezien. De producent wilde mij zó graag, dat hij zelfs bereid was rekening te houden met mijn studierooster. Deze kans kon ik onmogelijk weigeren. Het bleek de grootste fout uit mijn leven. De rol deelde me de laatste, bijna fatale, klap uit. Ik was erin geluisd. De scripts die nog geschreven moesten worden, zaten bomvol clichématigheden. Gevangen in een contract moest ik mezelf wederom verloochenen door verhaallijnen te spelen over radicale moslims, terroristen en tasjesdieven.”

Mijn leven verzieken

“Bovendien kreeg ik te maken met een tegenspeler die het blijkbaar als zijn persoonlijke taak zag mijn leven te verzieken. Hij lachte me uit tijdens scènes, jatte mijn teksten, vernederde me en schold me uit. Ik heb geprobeerd mee te lachen, aan te geven hoe vervelend ik het vond, hem te negeren, maar niks hielp. Mensen zagen het gebeuren en keken stilzwijgend toe hoe ik kapot werd gemaakt door deze ‘zeer gerespecteerde acteur’. Hij improviseerde zelfs midden in een scène een keiharde klap op mijn kont. Ik verstijfde, net zoals ik deed toen ik op mijn negentiende aangerand werd. Opnieuw kon ik niks uitbrengen. De regisseur vond de improvisatie zo geslaagd, dat we het daarna nog dertien keer opnieuw hebben gefilmd vanuit verschillende camera-posities. Dertien keer ben ik op mijn kont geslagen, terwijl ik vanbinnen verkruimelde.”

Grijs en zwaarmoedig

“Mijn lichaam en mijn geest begonnen het langzaam op te geven tijdens de opnames. Ik stond vier dagen in de week meer dan twaalf uur per dag tegenover een man die het mij onmogelijk maakte mijn werk te doen. Ik trok ontelbaar vaak aan de bel, maar tevergeefs. Mijn tegenspeler was nou eenmaal zo en ik moest hem gewoon negeren. Het vlammetje van het kind dat ik vroeger was, het meisje dat barstte van de energie en dromen, doofde uit. Mijn leven werd grijs en zwaarmoedig. Elke dag op de set voelde als een strijd.

De visagie moest extra lagen make-up aanbrengen tegen de stressvlekken, ik was constant moe, had hoofdpijn en raakte depressief. Woedend was ik op mezelf dat ik niet kon functioneren in deze industrie. Ik schold mezelf uit voor ‘dom wijf’. Pas nadat de hoofdregisseur na twee seizoenen mijn verzoek om minder scènes met mijn tegenspeler te spelen telefonisch zuchtend afdeed als ‘overdrijven’, viel het kwartje: er zou nooit iets veranderen.”

Verwerkingsproces

“De laatste vier jaar van mijn leven hebben in het teken gestaan van herstel. Nadat ik uit de serie was gestapt, heb ik maandenlang gebroken op bed gelegen. Ik heb stapje voor stapje moeten leren dat de wereld groter is dan de industrie. Dat er meer in het leven is dan acteren. Het schrijven van mijn boek Wat de fak, over mijn ervaringen in de industrie, speelt een centrale rol in mijn verwerkingsproces. Na 21 jaar te hebben gezwegen, voelde ik de behoefte om mijn geschiedenis te herstellen, het echte verhaal te vertellen.

De duik in mijn geschiedenis was smerig, pijnlijk en confronterend, maar ik kan inmiddels met mededogen en compassie naar mijn oude ik kijken. Ik was niet ziek. De industrie is ziek. Het was niet mijn schuld. Ik ben kapotgemaakt in een systeem waar slachtoffers de mond wordt gesnoerd en daders hun gang kunnen gaan. Waar diversiteit in handen is van witte mannen van middelbare leeftijd die zich om geld bekommeren en niet om de gevolgen van structurele clichématigheden in de maatschappij.”

Wakker schudden

“Mijn talent heeft er nooit toe gedaan. In deze industrie is geen eerlijke kans voor vrouwen en in het bijzonder voor vrouwen van kleur zoals ik. Ik heb dit boek geschreven om de regie over mijn eigen leven terug te pakken. Maar ik heb het ook geschreven in de hoop de industrie veiliger en inclusiever te maken. Ik hoop de politiek wakker te schudden met mijn verhaal over een sector die zo slecht wordt gemonitord, dat producenten hun eigen gang kunnen gaan met alle gevolgen van dien. Ik heb er bewust voor gekozen de daders niet bij hun naam te noemen.

Niet om ze te sparen, maar omdat ik wil dat de aandacht uitgaat naar slachtoffers in plaats van naar daders zoals we vaker zien in de media bij soortgelijke verhalen. Ik wil slachtoffers in hun kracht zetten en laten zien dat onze stem gehoord mag worden. Mijn tijd van zwijgen is voorbij. Ik hoop andere slachtoffers daarmee te inspireren.”

Meisje uit de Egyptische films

“Ons verhaal moet zo groot worden dat de industrie en de politiek er niet meer omheen kunnen. Dit systeem moet worden gesloopt. Bang voor reacties uit de industrie ben ik niet. Mijn droom om actrice te zijn heb ik inmiddels begraven. Maar zoals mijn moeder zegt: ‘Kijk niet achterom, kijk omhoog. Wat gebeurd is, is gebeurd.’ En ik ben het met haar eens. Ik heb met het schrijven van mijn boek een droom gevonden die misschien altijd al wel de mijne had moeten zijn. Waar ik in de industrie monddood werd gemaakt, wordt mijn stem nu juist gehoord. Als schrijver kan ik zijn wie ik wil zijn. Uiteindelijk word ik zo misschien toch als dat meisje uit de Egyptische films.”

Het verhaal van Maryam staat in Flair 44-2022. Meer van dit soort verhalen lees je wekelijks in Flair.

Jadrike BoelsMarloes Bosch

Op alle verhalen van Flair rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@flair.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden