Dominique (32) kreeg een burn-out: ‘Je lichaam is op, zei de huisarts. Ik was 21’ Beeld
Dominique (32) kreeg een burn-out: ‘Je lichaam is op, zei de huisarts. Ik was 21’

PREMIUM

Dominique (32) kreeg een burn-out: ‘Je lichaam is op, zei de huisarts. Ik was 21’

Je bent jong en dynamisch. En dan krijg je een burn-out. Het overkomt steeds meer jongeren en overviel ook Dominique (32), op haar 21ste. “Ik genoot van het studentenleven, vond alle dingen die ik deed toch leuk? Hoe kon dit dan gebeuren?”

“Ik werd wakker in mijn Amsterdamse studentenkamer en kon niet overeind komen. Mijn lichaam voelde te zwaar, alsof er iemand op mijn borstkas drukte. Ik voelde mijn hart razendsnel kloppen en raakte ervan in de stress. Dat zorgde ervoor dat de benauwdheid toenam. Kreeg ik een hartaanval? Wat was dit?

Ik belde de huisarts en hij stelde me alle gebruikelijke vragen. ‘Je hebt een paniekaanval,’ zei hij ten slotte. ‘Pak een taxi en kom naar de praktijk.’ Dat deed ik. Toen ik zijn kantoortje binnenliep, stroomden de tranen over mijn wangen. Ik bleek een burn-out te hebben. Maar hoe kon dat nou, dacht ik. Ik deed een heleboel, zoals studies, werken en uitgaan, maar ik vond al die dingen toch leuk?"

Altijd doorzetten, niet stoppen

"Toen ik veertien was, kreeg mijn vader een burn-out. Ik begreep niet precies wat hem overkwam, want we hadden het er niet echt over, maar ik zag dat hij niet meer kon werken en dat hij zich erg emotioneel voelde. Daarna pakte hij zijn leven weer op.

Hij maakte een carrièreswitch van ingenieur naar docent en leek weer gezond in het leven te staan. Dat ik zelf ook een burn-out zou kunnen krijgen, daar had ik werkelijk nooit bij stilgestaan. Vanuit huis werd ik altijd aangemoedigd om door te zetten en niet te stoppen. Op de bank hangen deden we thuis niet, we waren altijd met iets bezig."

Overvolle agenda

"Er werd dan ook niet gek opgekeken toen ik besloot op kamers te gaan om twee studies te volgen. Vijf dagen per week deed ik de dansacademie en daarnaast volgde ik de voltijdstudie pedagogische wetenschappen aan de universiteit. Niet alleen had ik hierdoor een overvolle studieagenda, de universiteit was voor mij sowieso behoorlijk aanpoten.

Ik had studiegenoten die één keer een college bijwoonden en dan het tentamen konden maken. Dat gold niet voor mij; ik moest altijd flink blokken om het te halen. Naast mijn dans en studie werkte ik drie avonden per week in de horeca om alles te kunnen betalen. Ik werd heel blij van het opdoen van nieuwe sociale contacten, in mijn agenda stonden behoorlijk wat feestjes. Ik had het naar mijn zin en genoot van het studentenleven. Maar tegelijkertijd gebeurden er dingen die ik niet kon plaatsen.

Zo merkte ik dat ik nerveus werd in het verkeer. Als ik fietste, moest ik soms afstappen omdat ik het te spannend vond in de drukte. Of ik liep in de supermarkt en wist niet meer waar ik voor was gekomen. Dan begon ik spontaan te huilen. Wat is er toch met me, dacht ik dan. Maar dan greep ik terug op wat me in mijn opvoeding was geleerd, namelijk: altijd de schouders eronder zetten en doorgaan. Dus deed ik dat.”

Lees ook Anne-Lotte: Ik ga mijn zwangerschap afbreken, ik ben geen goede moeder voor een kind met Down

Gevoel van falen

“Tot het kerstvakantie was en ik twee weken geen les volgde op de universiteit en ook niet danste. Ineens had ik een lege agenda. Het was ook een kerstvakantie met veel verdriet omdat mijn ouders vertelden dat ze zouden gaan scheiden en dat verliep niet bepaald amicaal, maar met een hoop spanningen. Aan het einde van de vakantie was het tijd om de draad weer op te pakken en dat was de ochtend waarop ik niet uit bed kon komen.

Bij de huisarts werd me gevraagd wat ik allemaal deed op een dag. Ik lepelde mijn waslijst aan activiteiten op. ‘Je lichaam is op,’ zei de huisarts. ‘Normaal neem je rust door bij te tanken als je slaapt. Maar jij staat qua energie constant in de min, dus dan gaat dat niet meer. Het wordt tijd dat je ruimte gaat creëren voor jezelf.

Toen ik even later weer in de taxi terug zat, voelde het alsof ik had gefaald. Hoe kon ik op mijn eenentwintigste al een burn-out hebben? Maar ik voelde aan alles dat de huisarts gelijk had. Ik moest mijn overvolle agenda gaan aanpassen, anders kwam ik hier nooit vanaf."

Onbegrip

"Ik ging naar de universiteit en gaf aan de studiebegeleider aan dat ik een burn-out had en het komende halfjaar geen lessen meer kon volgen. Ze nam met mij mijn blokkenschema door. ‘Je gaat hierdoor wel erg achterlopen,’ zei ze. ‘Het lijkt me geen goed idee dat je een halfjaar stopt.’

Ik moest haar echt duidelijk maken dat ik een halfjaar niet kon komen, omwille van mijn gezondheid. Dat het geen vraag was, maar broodnodig voor mijn herstel. Toen hebben we het wel geregeld, maar de manier waarop ze reageerde, gaf me het gevoel dat ik niet serieus werd genomen.

Ik merkte dat het ook lastig was aan mensen om me heen duidelijk te maken dat ik voorlopig even niet alles meer kon. Dan was ik met vrienden op de gracht in een bootje en ging iedereen door naar een feestje, maar zei ik naar huis te gaan. Ik had ze wel uitgelegd wat ik had, maar tien jaar geleden hadden mensen er nog niet zo veel over gehoord. Mensen dachten dat als ik even uitrustte, ik een dag later wel weer mee moest kunnen doen.

Een gebroken arm kun je zien, daar hebben mensen sympathie voor. Maar iets wat psychisch is, wordt vaak onbegrepen en gezien als zwakte. Het zorgde ervoor dat ik minder onder de mensen wilde komen en me terugtrok."

Machteloosheid

"Ik wilde wel door met alles, maar het ging gewoon niet. Dat gevoel van machteloosheid maakte me nog verdrietiger. Ik woonde in een studentenhuis, dus ik zag dat mijn huisgenoten het allemaal wel aankonden. Zo woonde er een vriendin van mij die naast haar studie een baantje had in een broodjeszaak en in haar vrije tijd viool- en zangles volgde. Zij kreeg geen burn-outklachten.

Ik heb nooit een slachtoffermentaliteit gehad, dat ik me afvroeg waarom het mij moest overkomen en hen niet, maar ik kon wel jaloers zijn op mensen die alles maar konden aanpakken, terwijl ik nergens puf voor had. Mijn vader vertelde ik het niet, omdat ik hem er niet mee lastig wilde vallen. Hij had zo veel aan zijn hoofd met de scheiding en de verkoop van het ouderlijk huis. Er was niemand bij wie ik terechtkon, die wist hoe het voelde."

Moeilijke tijd

"Na de diagnose heb ik een moeilijk halfjaar gehad. Alles voelde als een opgave. Alleen al uit bed komen, kostte me zo veel moeite. Ik moest mezelf forceren om te douchen en een rondje te gaan lopen. Koken schoot erbij in, zelfs de was ophangen was me te veel. Ik ging niet meer naar de universiteit en had dagen dat ik gewoon de gordijnen dichttrok en films ging kijken. Maar ik kon me zo slecht concentreren dat er van de films weinig bleef hangen.

Wel ben ik mijn werk in de horeca blijven doen. Ik was blij dat dit me in elk geval nog lukte, want ik had het geld nodig om van te leven. En het zorgde ervoor dat ik in de moeilijkste weken toch af en toe onder de mensen kwam.

Wat mij heeft geholpen om eruit te komen, is hulp zoeken bij een psycholoog. Ik vertelde haar hoe leuk ik al mijn activiteiten vond en dat ik daarom niet goed begreep waarom ik die niet meer aankon. Zij hield me echt een spiegel voor: bij alle activiteiten die ik ondernam, voelde ik een prestatiedrang.

Ik hield van dansen, maar door dit op de dansacademie te doen, voerde ik de druk hoog op. Vooral door ernaast een studie te volgen die veel vergde. Ze stelde voor dat ik dingen moest vinden die ik zou doen omdat ik ze leuk vond. Niet omdat ze een verplichting vormden of omdat ik er de beste in wilde zijn, maar enkel omdat ze mij plezier opleverden. Dus ben ik gaan salsadansen. In die scene zijn continu feestjes waar het heel normaal is om alleen naartoe te gaan. Ik kon zelf kiezen als ik zin had om iets leuks te doen, zonder dat het als een verplichting naar anderen voelde. Het dansen vond ik heerlijk."

Eindelijk weer zin

"Na een halfjaar herstellen merkte ik dat het steeds beter ging. Ik had ineens weer zin om mijn studie op te pakken. Keek ernaar uit om mijn verjaardag te vieren en daarvoor mensen uit te nodigen. Allemaal dingen waar ik een paar maanden ervoor enorm tegenaan zou hebben gehikt. Maar ik was wel heel bang dat ik terug zou vallen. Nu had ik dus een angst voor de angst. Gelukkig ging het steeds beter en voelde het na een jaar alsof ik mezelf weer had hervonden.

We zijn nu tien jaar verder en ik heb geen terugval gehad. Ik ben er vaak bang voor geweest, je blijft er gevoelig voor. Dat komt in mijn geval ook door mijn persoonlijkheid; ik ben iemand die alles wil aanpakken. Dat zal een uitdaging blijven. Maar ik heb door mijn burn-out geleerd meer naar mijn gevoel te luisteren. Te voelen in mijn lichaam als de stress te veel oploopt, dan doe ik een pas op de plaats en neem ik echt even de tijd voor mezelf. Dan ga ik lezen, wandelen of boek ik een massage.”

Waarom?

“Vorig jaar werd ik benaderd of ik wilde meewerken aan de documentaire Brandstof, waarin mensen die op jonge leeftijd al een burn-out hebben gehad hun verhaal vertellen. Ik moest er eerst even over nadenken en besprak het met mijn vader. We hadden het er nooit eerder over gehad. Nu vertelde ik dat het mij ook was overkomen en dat ik er met de documentaire mee in de openbaarheid zou treden.

‘Zou je dat wel doen?’ zei hij. ‘Straks heeft het invloed op je carrière. Wat als een potentiële werkgever het ziet en denkt: we nemen wel iemand anders aan, want deze vrouw kan de druk misschien niet aan.’

Zijn antwoord opende eigenlijk mijn ogen. Voor mijn vader is een burn-out iets wat met veel schaamte gepaard gaat, voor mij is dat jarenlang ook zo geweest. Dat taboe moet eraf, zodat er meer begrip is als jonge mensen deze diagnose krijgen. Eigenlijk zorgde dat gesprek ervoor dat ik juist wilde meewerken."

Lees ook Sjifra (44) heeft borstkanker: ‘Ik huil als de arts over chemo begint, ik wil mijn haar niet verliezen’

Documentaire Brandstof

"Het werken aan de documentaire was mooi om te doen, maar ook erg confronterend. Zo vertelde ik op camera hoe ik me altijd afvraag of ik wel een drukke baan zal aankunnen, of mijn bordje dan te vol wordt. Op dat moment schoot ik vol en brak ik. Het voelt ook na tien jaar nog steeds als iets wat me weer kan overkomen, waar ik altijd voor moet oppassen.

Dat steeds meer jonge mensen de diagnose krijgen, vind ik zorgelijk. Komt dat door de toenemende druk in de maatschappij, door zaken als de krappe huizenmarkt? Of waren er altijd al veel mensen op jonge leeftijd die dit kregen, maar is er nu meer zicht op? Ik denk ook vaak: waarom overkomt dit mensen? En vooral: waarom gebeurt het bij de een wel en bij de ander niet? Want ik denk hierdoor ook anders na over de toekomst.

Een echte kinderwens heb ik niet, maar als die alsnog komt, lijkt het me wel heel pittig. Hoe doen mensen het als je een burn-out krijgt en thuis kinderen hebt? Dat zijn dingen waar ik over nadenk omdat ik me meer bewust ben van mijn eigen kwetsbaarheid. Het lijkt me erg spannend en zeker iets om rekening mee te houden. Ik zie wel hoe ik er over een paar jaar over denk, als ik midden dertig ben en de klok gaat tikken."

Beter in balans

"Ondanks dat ik me nog steeds weleens afvraag waarom de burn-out mij moest overkomen, zie ik die inmiddels ook als iets waar ik dankbaar voor ben. Die heeft ervoor gezorgd dat ik beter in balans ben en bewuster ben van mezelf, van hoe ik me voel en welke keuzes ik in mijn leven moet maken.

Zo heb ik na pedagogische wetenschappen ook nog een studie culturele antropologie gedaan. Daar kun je werkelijk niks mee, er is geen baan in te vinden. Maar het leek mij een leuke studie om te volgen, dus waarom niet? Ik vond het heerlijk. Zonder de burn-out had ik dat soort keuzes nooit gemaakt.

Een burn-out is zeker niet fijn om mee te maken en er zitten een hoop kanten aan waar ik weleens verdrietig van word, maar op een gekke manier heeft ie me dus ook veel gebracht. Het is toch iets wat hoort bij mij omdat het mijn leven vorm heeft gegeven.”

De documentaire Brandstof met Dominique is 4 oktober te zien bij de NTR op NPO 2 en terug te kijken via NPO Start.

Meer van dit soort verhalen lees je wekelijks in Flair. Wil je een editie (na)bestellen? Dat kan hier.

Tekst: Michelle Iwema | Fotografie: Yara Brouwer

Flair

Op alle verhalen van Flair rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@flair.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden