Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Persoonlijke verhalen > Remona de Hond over haar overleden man Marc: ‘Hoe pijnlijk het gevoel van gemis ook is, ik hoop dat ik dat nooit kwijtraak’

Remona de Hond over haar overleden man Marc: ‘Hoe pijnlijk het gevoel van gemis ook is, ik hoop dat ik dat nooit kwijtraak’

Remona de Hond over haar overleden man Marc: ‘Hoe pijnlijk het gevoel van gemis ook is, ik hoop dat ik dat nooit kwijtraak’

Remona de Hond-Fransen (37) heeft een boek geschreven over haar overleden man Marc de Hond. Hij overleed in juni 2020 aan de gevolgen van kanker. Het boek Laat je tranen vloeien tot een vijver gaat over haar leven zonder Marc, verdriet en een nieuwe liefde. 

Remona heeft een aantal maanden na de dood van Marc een interview gedaan met Flair. Haar interview kun je hieronder lezen.

Dit interview stond eerder in Flair 01-21

Een doodlopende weg

“‘We kunnen niks meer voor je doen.’ Onze hele wereld stortte in bij het horen van deze zin afgelopen april. We hadden altijd hoop gehouden. We waren er altijd van uitgegaan dat het gewoon goed zou komen. Dat wij samen oud zouden worden. De boodschap van de arts was zo onwerkelijk. Tot die tijd konden we ons ergens aan vastklampen. Chemotherapie, een operatie: er was een plan van aanpak dat ons op de been hield. Maar nu was er geen plan meer. We zaten op een doodlopende weg.

Het jaar ervoor, toen Marc voor de tweede keer in zijn leven werd gediagnosticeerd met kanker, hoorde hij vooral mogelijkheden. Ik keek tijdens het gesprek, in een kille ziekenhuiskamer, naar Marc, die de boodschap van de arts kalm en geconcentreerd in zich opnam. Ze hadden een kwaadaardige tumor in zijn blaas gevonden die al door de blaaswand was gedrongen. Het zogenaamde goede nieuws: er waren geen uitzaaiingen.

De arts kwam direct met een duidelijk stappenplan: drie tot zes keer chemo om de tumor te verkleinen, tussendoor een CT-scan om te kijken of die aansloeg en vervolgens de blaas verwijderen, waarna Marc een stoma zou krijgen. ‘Dit kan ik,’  zei Marc vastberaden. ‘Het wordt zwaar, maar dit kan ik aan.’”

Rots in de branding

“Als je mij dit van tevoren had verteld, had ik verwacht dat ik bij het horen van deze diagnose hysterisch huilend op de grond zou vallen, maar dat was niet zo. Marcs vertrouwen in de situatie kalmeerde mij enorm. Hij was mijn rots in de branding. Als hij zei dat het goed zou komen, zou het goed komen.

Hij was eerder van kanker genezen toen er op 25-jarige leeftijd een tumor in zijn ruggenmerg werd gevonden. Door de operatie raakte hij deels verlamd, maar de tumor was weg. Het gaf Marc het vertrouwen dat het ook nu goed zou komen. Ik voer mee op zijn optimisme.

Een dag voor de eerste chemokuur spraken Marc en ik naar elkaar uit dat we zin hadden om te beginnen. Ik maakte de vergelijking met topsport: je moet heel hard werken en afzien om iets te bereiken. Marc wist als ex-professioneel rolstoelbasketballer precies wat ik bedoelde en knikte instemmend. Lachend gingen we de chemo in. ‘Laat maar komen, wij kunnen dit.’”

Diepe emotionele klik

“Achteraf was het liefde op het eerste gezicht. Ik voelde direct een klik toen Marc mij tien jaar geleden aansprak op de parkeerplaats van olympisch trainingscentrum Papendal. Marc kwam net van zijn training van het Nederlands rolstoelbasketbalteam en ik van mijn training voor de meerkamp. Uitgeput en bezweet liep ik naar mijn hotelkamer. ‘Hoi, wat voor sport doe jij?’ vroeg Marc toen ik hem passeerde. Ik had als topsporter normaal veel te veel discipline om bezweet in de kou met iemand te kletsen, maar hij wist mijn aandacht meteen te vangen. Ik kan het niet uitleggen, het voelde gewoon goed.

Ik had toen ik Marc ontmoette een relatie, dus de eerste maanden hadden we vriendschappelijk contact als we elkaar tegenkwamen na trainingen. Maar ik kon mijn gevoelens voor hem niet tegenhouden. Ons contact werd steeds intensiever en ik besloot een punt achter mijn relatie te zetten.

Ik kon niet bij Marc wegblijven. Al na een paar weken trok ik bij hem in. Marc was mijn grootste fan. Hij steunde mij onvoorwaardelijk in zowel mijn topsportcarrière als mijn afscheid van de topsport. Andersom is zijn rolstoel voor mij nooit echt een issue geweest. Hij drukte mij op het hart dat de rolstoel zijn probleem was en niet het mijne. Dat hij alles zelf kon en ik geen mantelzorger zou worden. Hij was niet zielig en had zijn rolstoel volledig geaccepteerd. Hij vroeg mij dat ook te doen. Ik vond Marc te leuk om er een obstakel in te zien.

We hadden een diepe emotionele klik, hij was ontzettend grappig en heel slim. Ik kon enorm genieten als hij lekker op de praatstoel zat en weer een of ander wijs verhaal uit zijn mouw schudde. En ik vond hem superknap. We waren heel gelukkig samen. Door middel van ivf kregen we twee kindjes, Livia en James. Marc zou nu trots zeggen dat ze eigenlijk een twee-eiige tweeling zijn. Ze komen namelijk uit dezelfde zaadlozing en eisprong.

De maanden voor Marc ziek werd spraken we regelmatig naar elkaar uit hoe dankbaar we waren voor ons leven. We realiseerden ons heel goed hoe bijzonder het was dat het met al onze dierbaren goed ging. Dat er niemand ziek was. Er was geen vuiltje aan de lucht. Tot de kanker uit het niets als een grote donderwolk kwam opduiken.”

Lampjes in de tunnel

“Na de tussentijdse scan kregen we in maart 2019 te horen dat de chemo niet aansloeg. Artsen besloten Marc direct te opereren. We bleven optimistisch. Marc organiseerde met zijn galgenhumor zelfs een afscheidsfeestje voor zijn blaas en hij grapte over het bouwen van een blaaskapel op zijn verwijderde blaas. Wat er ook gebeurde: hij bleef altijd lachen. De operatie ging goed en Marc herstelde snel. Het gaf ons vertrouwen in zijn lijf. Dat was van korte duur.

Tijdens de controle, twee weken na de operatie, werden kankercellen in zijn lymfeklieren gevonden. ‘Het komt terug, maar waar en wanneer weet ik niet,’  zei de dokter. ‘Op dit moment kunnen we niks doen.’ We moesten wachten tot de kanker opnieuw zou opduiken. Dat kon jaren duren, maar ook maanden.

Het klopte niet in mijn hoofd. We waren zo strijdvaardig. Het voelde fout om nu maar gewoon af te wachten totdat het mis zou gaan. Marc en ik spraken en huilden samen veel over de situatie, maar besloten dat er niks anders op zat dan het te accepteren en te genieten van onze tijd samen. We wisten niet wat de toekomst zou brengen, dus ons continu zorgen maken was volgens Marc niet nodig. Hij zei altijd: ‘We wachten niet tot het licht aan het einde van de tunnel, maar we hangen zelf de lampjes op.’

We gingen daarom vaak op vakantie, bezochten pretparken, gingen naar de kinderboerderij: kortom, we zaten niet in zak en as. Verdriet stond niet voorop. We hebben twee superleuke kinderen die heel veel licht en plezier met zich meebrengen. Er was, ondanks dat we voelden dat het zwaard van Damocles boven ons hoofd hing, nog heel veel om van te genieten.”

Uitzaaiingen

“James van één kreeg er weinig van mee dat papa ziek was, maar Livia van drie had Marc al vaak in het ziekenhuis zien liggen. We legden haar uit dat er boze poppetjes in papa’s buik zaten die hem ziek maakten. En dat de dokters papa beter gingen maken. Dat vond ze goed. Over een andere uitkomst spraken we niet. Ook niet met elkaar. De gedachte alleen was al te pijnlijk.

In oktober van 2019 werden de eerste uitzaaiingen in Marcs buik gevonden. Eigenlijk was hij vanaf dat moment terminaal, maar wij hebben dat toen niet zo gevoeld. Weer konden we ons ergens aan vastklampen: immuuntherapie. Het zou Marc zo’n twee jaar extra geven en wij hadden er het volste vertrouwen in dat de geneeskunde in die tijd een nieuw medicijn zou uitvinden. Achteraf staken we onze kop in het zand.

We wilden trouwen, Marc had plannen voor een theatertour, hij deed mee aan De slimste mens, we wilden gewoon door met ons leven. Marc deelde daarom ook alleen met naasten dat hij weer ziek was. ‘Ik kan niet op een podium staan en grapjes maken terwijl mensen weten dat ik doodziek ben.’ Ik vond het fijn. Zo kon ook ik naar de buitenwereld mooi weer spelen. Op onze bruiloft in november stonden we niet stil bij zijn ziekte. Wij wilden samen oud worden. Het was een geweldig knalfeest. We hebben onze liefde gevierd met al onze lieve vrienden en familie. Kanker was niet uitgenodigd.”

‘Papa wordt een sterretje’

“April 2020. Ons hoofd in het zand steken was geen optie meer, want ook de immuuntherapie sloeg niet aan. Er was geen plan van aanpak meer, alleen nog de naderende dood. Ik kan niet uitleggen hoe je zo’n boodschap verwerkt. Het is zo onwerkelijk als iemand de woorden uitspreekt: ‘We kunnen niks meer voor je doen.’ Het was zo onwerkelijk om te bedenken dat de liefde van mijn leven, de papa van mijn kinderen, er over een tijdje niet meer zou zijn.

Ik was in alle staten, maar bij Marc ging tijdens het gesprek direct de knop om. Het was niet langer zijn missie om te genezen, het werd zijn missie om mij en de kinderen voor te bereiden op een leven zonder hem. Hij zette zichzelf vanaf die dag op de tweede plek. Hij wilde het goed doen voor iedereen die achterbleef, hij wilde zich sterk houden voor ons. Hij telde niet meer. We hebben samen heel veel gehuild, gepraat en geknuffeld. Ik was zo ontzettend verdrietig.

Ik kan mij een gesprek herinneren waarin ik zei dat ik het niet kon. Dat ik onze kinderen al zijn humor en wijsheid wilde meegeven, maar dat ik hem nooit kon vervangen. Hij drukte mij op het hart dat ik geen tweede Marc de Hond hoefde te worden. Dat ik een sterke vrouw was. Dat ik het kon dragen. Dat ik genoeg was. Marc vertrouwde heel erg op mijn kracht en bleef daar ook op hameren. Hij coachte mij als het ware.

Hij legde mij tijdens de laatste maanden van zijn leven stap voor stap uit wat mij te wachten stond na zijn dood, hoe het rouwproces zou zijn, op welke mensen ik kon leunen in onze omgeving voor welke zaken, wat voor persaandacht er op mij af zou komen. Marc werd al jaren ingehuurd om mensen te leren hoe ze om moesten gaan met tegenslag. Nu nam hij mij mee in zijn levenslessen. Hij zei altijd: met tegenslag omgaan is een spier die je kunt trainen. Zijn kracht hierin was onvoorstelbaar. Sommige mensen geloven niet dat hij echt al die tijd zo optimistisch was, dat hij zijn verdriet echt zo moedig heeft gedragen, dat hij tot het laatste moment kon lachen, maar het is de waarheid.”

Vertrouwen

“Uiteindelijk kon ik mezelf door Marcs ogen zien en kreeg ik vertrouwen in mijn eigen kunnen. Zijn grootste verdriet heb ik niet kunnen verzachten. Het verscheurde hem dat hij Livia en James niet zou kunnen zien opgroeien. Hij wilde zijn gezin niet achterlaten.

De laatste drie jaar van zijn leven waren de gelukkigste. Het deed hem heel veel pijn dat dat geluk hem werd afgepakt. Ik kan daar moeilijk over praten. Het is nog te vers. Met Livia sprak hij veel over zijn dood. Op een avond luisterde ik op de gang mee toen Marc op haar kamer vertelde dat hij dood zou gaan en een sterretje zou worden. En dat Livia hem dan nooit meer zou kunnen zien of spreken. ‘Kun je dan niet een klein beetje doodgaan?’ vroeg Livia. Het brak mijn hart. We hebben met z’n drieën op haar bed gehuild. Het was zo’n intens verdrietig moment.

Marc en ik vonden het belangrijk om open te zijn. We wilden Livia laten zien dat het normaal is om emoties te voelen als iemand doodgaat en haar daarmee ook voorbereiden op de tranen die nog zouden vallen na papa’s dood. Marc en ik rouwden samen om het verlies van onze toekomst, maar hij wilde niet dat het verdriet hem zou verzwelgen. Hij wilde tot het laatste moment genieten van wat hij had met alle mensen die hij liefhad. Het was niet langer zijn doel om dagen aan het leven toe te voegen, maar leven aan de dagen.”

Echt samenzijn

“De laatste maanden waren zwaar, maar ook fijn. Ik heb Marc tot zijn laatste dag aan huis verzorgd. Van het verschonen van luiers tot de verzorging van doorligwonden. Ik vond het soms ontzettend moeilijk. Op een dag schoot er door mijn hoofd: ik kan nu met de kinderen de deur uit lopen en dan ben ik van alles af. Ik schaamde mij enorm voor die gedachte, maar het was af en toe zo pittig. Marcs liefde was ook hierin onvoorwaardelijk. Ik kon alles bij hem kwijt, zelfs mijn lelijkste gedachten.

Toen we echt wisten dat hij dood zou gaan, werden de momenten waarop ik zijn doorligwonden verzorgde juist heel waardevol. Dat gevoel van echt samenzijn vergeet ik nooit meer. Ik deed er elke dag een uur over, dat was echt ons moment. We spraken over de dood, mijn leven na zijn dood, de kinderen. Nu ik erop terugblik, zijn dat de gesprekken die mij een soort vliegende start hebben gegeven na Marcs overlijden. Een groot deel van de rouw hadden we al samen gedaan.

De broer van Marc verbleef de laatste weken voor Marcs dood bij ons thuis om mij met de zorg voor de kinderen te helpen. Het was een intense, maar warme tijd. We hebben gezellig samen gegeten, gezongen, gedanst: je komt in dit soort tijden heel dicht tot elkaar. Ook met vrienden en familie. Het waren de spreekwoordelijke lampjes in Marcs donkere tunnel.

Op 3 juni is Marc overleden. De dag daarvoor gaf hij aan dat hij niet meer wilde. Hij was op. Voor het eerst waren de rollen omgedraaid. In plaats van dat hij mij vertrouwen insprak dat ik het kon, sprak ik hem vertrouwen in dat hij kon gaan. Hij had zijn taak volbracht. Ik voelde oprecht dat ik het aankon. Het was niet gespeeld om hem gerust te stellen, ik voelde aan alles dat hij klaar was om te gaan en ik wilde dat hij dat met een gerust hart kon doen.

Hij is rustig ingeslapen, precies zoals hij wilde met mij en zijn familie erbij. Zijn afscheid heeft hij zelf volledig georkestreerd. Van het afscheidsinterview in de Volkskrant, zijn afscheidsceremonie en zijn boek tot het regelen van rouwkaarten. Hij had alles voor mij geregeld.”

Lees ook
Marjolein (44) pleegde abortus zonder dat haar man het wist: ‘Ik was klaar met de gebroken nachten en poepluiers’

Het leven weer oppakken

“Hoe je het leven daarna oppakt? Het gaat gewoon. Je moet wel. Bij de pakken neerzitten is geen optie. Dat kan ik Livia en James niet aandoen. Ik heb de afgelopen maanden elke dag gehuild. De ene dag meer tranen dan de andere. Ik wil niks van het rouwen wegstoppen, ik wil het voelen. Marc heeft mij gezegd dat het verdriet er mag zijn, dat het moeilijk zou worden. Maar zijn grootste wens was dat ik naast de pijn weer geluk kon toelaten.

Zoals hij schreef in zijn afscheidsspeech: ‘Laat je tranen vloeien tot een vijver waarop je in de zomer met de kinderen kunt varen en waarop je in de winter kunt schaatsen.’ En dit lukt. Dankzij Marc kunnen geluk en verdriet naast elkaar bestaan. En hoe pijnlijk het gevoel van gemis ook is, ik hoop dat ik dat nooit kwijtraak. Dat gemis is namelijk Marc en de liefde die hij ons heeft gegeven.

Marc is nog elke dag aanwezig in ons leven. Zijn foto’s hangen overal in huis, ik praat over hem met Livia en James en zijn nalatenschap is fantastisch gedocumenteerd. Livia en James kunnen later zijn boeken lezen en de video’s bekijken die hij voor ze heeft achtergelaten. Zijn gedachtegoed en humor zullen nooit verdwijnen. Het geeft mij heel veel steun dat ze zo’n duidelijk beeld van hem kunnen krijgen. Zo doen Marc en ik het toch nog een beetje samen.

Als ik terugblik op mijn leven met Marc voel ik dankbaarheid. Hij was een heel bijzonder persoon. Ik voel dat hij een stukje van mij is geworden. Als ik praat, hoor ik Marc. Zoals er ook een stukje Remona in hem zat. Het grootste cadeau dat hij mij heeft gegeven is vertrouwen in mezelf. Ik weet dat elke keuze die ik maak goed is, omdat Marc op mij vertrouwt. En hij had gelijk over mijn kracht. Als ik terugdenk aan de afgelopen maanden denk ik: holy shit, hoe heb ik het gedaan?

We zijn verhuisd, het gaat goed met de kinderen en we kunnen naast het intense verdriet ook weer genieten van het leven. We hangen samen de lampjes op in de tunnel. Zoals papa ons heeft geleerd. Marc hoopte dat zijn boek mensen zou inspireren om zelf lichtjes op te hangen in hun tunnel. Om geen zaken uit te stellen, maar te doen wat je hart je ingeeft. Of dat nu een bruiloft is of simpelweg een appeltaart bakken met je kinderen: geniet, geniet, geniet. En maak de dingen niet onnodig zwaarder dan ze zijn, zou Marc ook zeggen. Ik houd zijn gedachtegoed levend door ons verhaal te blijven delen. Want er zijn helaas veel meer gezinnen die dit meemaken.

Marc geloofde niet in het hiernamaals, maar toch heb ik het idee dat ik hem bij mij voel. Alsof hij achter mij staat. Geen idee of het zo is, maar ik vind het een fijne gedachte. Maar of hij nou komt  ‘spoken’, zoals hij het zelf altijd noemde, of niet: hij is altijd bij ons.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

Tekst: Jadrike Boels | Fotografie: Mariel Kolmschot