Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Opgebiecht > Opgebiecht: ‘Ik ben verliefd op een patiënt’

Opgebiecht: ‘Ik ben verliefd op een patiënt’

Opgebiecht: ‘Ik ben verliefd op een patiënt’

Barbara (34): “Altijd heb ik gedacht: dat gaat mij nooit gebeuren. Je bent er zelf bij en je weet dat het niet mag. Komt het ooit zover, dan geef je er niet aan toe. Lekker lullen, totdat het je overkomt. Ik ben verpleegkundige en werk in een ziekenhuis en nu is er een patiënt verliefd op me. Ik doe alsof het me koud laat, maar ik voel hetzelfde voor hem. Ik kan en mag daar dus niks mee…

Jeffrey is een ontieglijk leuke man. Hij ligt al bijna twee weken op onze afdeling en met de dag wordt hij leuker. Het is helemaal geen knappe vent, maar zo’n lieverd. Als hij hulp vraagt, zie je dat hij zich bezwaard voelt; de makkelijkste patiënt ooit. Het lijkt wel alsof hij probeert om je vooral niet tot last te zijn, zomaar bellen doet ie niet. Hoewel ik nu merk dat hij vaker belt als hij weet dat ik dienst heb.”

Nachtdienst

“Ik geef hem graag wat extra aandacht, want hij maakt iets bij me los. Hij heeft donker haar en van die grote, donkere ogen. Eerst zat hij flink onder de medicijnen, maar hij wordt steeds helderder. Ik vind ’m ontzettend leuk en daar baal ik van, want je mag als verpleegkundige natuurlijk niets met een patiënt beginnen. Daar zijn regels voor en daar heb je je aan te houden.

Hij heeft al een paar keer laten weten dat hij me leuk vindt en dat wuif ik dan weg. Onlangs vroeg ik hem hoe het die dag met hem ging. Zijn antwoord ‘Ik zou me beter voelen als ik met jou op een tropisch eiland zat’ zag ik niet aankomen en ik moest erom lachen. Toen ik hem aankeek, zei hij doodleuk: ‘Ik meen het!’ Ik vond het grappig, maar zei streng: ‘Zullen we die opmerking maar afschuiven op de morfine?’ Ik deed akelig koelbloedig, alsof het me niks doet.

Afgelopen weekend begon hij ineens een liedje te zingen. Ik had nachtdienst en toen ik zijn kamer inliep, hoorde ik: ‘Nachtzuster… kom even bij me liggen!’ Dit liedje van Doe Maar is wel vaker voor me gezongen, maar deze keer deed het me wél iets. ‘Nou, jij begint op te knappen!’ zei ik. Zijn reactie? ‘Zeg dat maar niet, want dan halen ze me bij je weg.’ Wat een opmerking!

Lees ook
Opgebiecht: ‘Ik heb spijt van de seks met mijn homovriend’

Verliefd op een patiënt

Die nacht heb ik een tijd bij hem gezeten. Hij kon niet slapen en mijn dienst was rustig. Hij zei dat hij me serieus zag zitten, informeerde of ik bezet was en vroeg of hij – als hij ontslagen zou zijn uit het ziekenhuis – me een keer mee uit eten mocht nemen. Ik heb hem uitgelegd dat dat niet mag. Ik mag geen contact houden met patiënten. ‘Zou ik anders wel kans maken?’ vroeg ie. Dat kon ik niet ontkennen.

‘Ik vind je een superleuke vent,’ zei ik, ‘maar ik kan er niks mee en dat blijft zo. Ik wil mijn baan niet kwijt, ik hou van dit werk en mijn gevoel voor jou móét ik ontkennen.’ Ik leek wel een ijskonijn, terwijl ik het bloedheet had gekregen van dat gesprek. Zo veel van mezelf had ik nooit eerder met een patiënt gedeeld.

Tijdens mijn volgende dienst merkte ik dat hij een beetje anders op me reageerde. Afstandelijker. Toen we met z’n tweeën waren zei hij dat hij de ziekenhuisregels belachelijk vond en dat hij zich er niet bij neer wilde leggen. ‘Laat het los,’ sprak ik verstandig, terwijl dat het laatste is wat ik wil. Ik mag zelfs zijn vriendenverzoek op Facebook niet accepteren; privécontact hebben met patiënten mag helemaal niet als zorgverlener. Je kunt er zelfs voor geschorst worden.

Ik heb meerdere collega’s die iets soortgelijks hebben meegemaakt: ik adviseer dan altijd om afstand te nemen en de zorg over te laten aan een collega. Pas nu realiseer ik me dat dat geen doen is als je écht verliefd bent.”

Dit verhaal komt uit Flair 35-2022. Meer van dit soort verhalen lees je wekelijks in Flair. Wil je een editie (na)bestellen? Dat kan hier.

Tekst: Valerie van der Meer | Beeld: Getty Images