Sarah (39) maakte een gewapende overval mee: 'Ik draaide me om en keek recht in de loop van een pistool' Beeld
Sarah (39) maakte een gewapende overval mee: 'Ik draaide me om en keek recht in de loop van een pistool'

Sarah (39) maakte een gewapende overval mee: 'Ik draaide me om en keek recht in de loop van een pistool'

Dat Sarah (39) op haar werk een gewapende overval meemaakte, was doodeng. Maar de ontmoeting met de dader hielp haar enorm bij de verwerking. “Hij was een kind, met het babyvet nog op de wangen. Ik zag dat hij huilde, hij pakte de ene tissue na de andere.” Dit gesprek hielp haar zélfs toen ze twee jaar later opnieuw werd overvallen…

Gewapende overval

"We hadden een drukke dag gehad in de drogisterij waar ik als leidinggevende werk, toen ik voor sluitingstijd bij de deur stond. Ik hoorde voetstappen achter me en dacht dat het een klant was. Ik draaide me om zodat ik hem of haar kon groeten en keek recht in de loop van een pistool. Erachter zag ik een grote kerel staan, helemaal in het zwart met een bivakmuts op. Alleen zijn bruine ogen zag ik door het kleine streepje in de muts. Ik dook in elkaar achter een trolley die er stond, maar die gast pakte mijn arm en sleurde me naar achteren.

Het enige waaraan ik kon denken waren mijn twee dochters, van negen en twaalf jaar. Zij hebben hun moeder nodig, bleef ik denken. Ik moet voor hen thuiskomen. Hoe de overvaller me naar achteren heeft gesleurd, herinner ik me niet. Ik heb een black-out vanaf dat moment. Ik herinner me pas weer het moment dat ik achter in de winkel was en daar mijn assistente en twee andere verbaasde collega’s zag. Die werden bedreigd door een tweede overvaller, die een mes bij zich had. We werden samen de gang achter de winkel in geduwd, die naar het magazijn liep. Maar de magazijndeur ging niet open en er ontstond wat chaos."

Kluis

"Een paar meter terug in de gang was het kantoortje. Ik draaide me om en rende terug. Ik heb me nog een keer omgedraaid om zeker te weten dat de overvallers niet vlak achter me zaten, maar zij waren nog bezig met die tussendeur. Het kantoor was niet meer dan een klein hok met de kluis en een keukentje erin. Ik vermoedde dat ze naar die kluis op zoek waren en eigenlijk deze ruimte zochten. Maar ook de alarmknop zat hier. Ik heb op die knop gedrukt en ben meteen daarna met mijn rug tegen het aanrecht gaan staan met mijn handen omhoog. Mijn hart bonsde in mijn keel toen een paar tellen later de overvaller met het pistool het kantoor in kwam.

Samen met mijn assistente. Hij zei tegen haar dat ze de kluis moest openmaken. Ze ging door de knieën en begon de code in te toetsen. Het leek allemaal zo lang te duren. Al die tijd probeerde ik mijn hoofd koel te houden. Ik had al zo veel jaar het protocol geleerd over wat we moesten doen als zoiets zich zou voordoen. Dat was: meewerken en ervoor zorgen dat je de situatie niet laat escaleren door iets onverwachts te doen. De kluis deed er tien minuten over om open te gaan, dat is standaard ingesteld.

Maar ik zag na een paar minuten dat mijn assistente de code niet goed had ingevoerd. ‘Het is niet goed gegaan,’ zei ik tegen de jongen met het pistool. Die raakte opgefokt en begon met zijn pistool op de stellingen te slaan. Dat was een vreselijk eng moment. ‘Opschieten,’ zei hij en wees op de kluis. Ik hurkte en toetste snel de juiste code in. Door aan mijn dochters te denken, bleef ik kalm van. Ik trilde niet, deed alles op de automatische piloot. Ik móést naar huis, bleef het maar door me heen gaan. Zij hadden me nodig, ik móést dit overleven. Het ging ze om het geld, niet om mij."

Net een Hollywoodfilm

"In het kantoor konden we de bewakingscamera’s zien, en zeven minuten nadat ik die knop had ingedrukt, stond de politie voor de deur. Aan de ene kant was ik opgelucht, aan de andere kant: wat ging er nu gebeuren? Zullen we gegijzeld worden, dacht ik nog. Toen de overvallers de politie op de camera’s zagen, raakten ze nog meer opgefokt en lieten ze ons alleen in het kantoor. Ze gingen op zoek naar een andere uitgang. We keken om de hoek, richting de winkel, en zagen ze niet in de gang. ‘Rennen!’ schreeuwde mijn assistente.

Dat deden we, zo hard we konden. De twee andere collega’s werden kennelijk ook niet meer in de gaten gehouden en renden achter ons aan. Buiten waren er zwaailichten en waren we omsingeld door agenten met getrokken pistool. Ik hield mijn armen omhoog. Het leek of ik in een Hollywoodfilm was beland. Toen wij allemaal buiten waren, wisten de overvallers inmiddels dat er geen andere uitgang was dan de voordeur van de winkel. Met de capuchon helemaal over hun hoofd kwamen ze naar buiten en werden ze op hun buik op de grond gelegd. Eentje maakte nog een beweging alsof hij iets uit zijn zakken wilde pakken. ‘Als je wilt blijven leven, blijf je nu liggen,’ zei een agent. Dat deed hij. De overvallers werden afgevoerd en toen kwam alle spanning bij me los."

Overleefd

"Ik begon te trillen als een rietje, kon bijna niet op mijn benen staan. Ik wilde zo graag mijn mobiel om mijn man te bellen. Maar mijn telefoon lag binnen en mocht ik niet pakken. Gelukkig gaf een agent me zijn telefoon, waarmee ik snel even kon bellen. Mijn man schrok natuurlijk enorm, maar lang kon ik niet praten. Ik moest mee naar het bureau voor een verklaring en pas tegen middernacht was ik thuis. Ik ben meteen naar de slaapkamer van mijn dochters gegaan. Zij waren wakker gebleven om me te zien. Ik gaf ze een lange knuffel en zei dat ze nu konden gaan slapen, alles was oké met mij. ‘Is goed mama,’ zeiden ze en vielen in slaap.

Ik ben ook naar bed gegaan en vanwege de enorme vermoeidheid viel ik als een blok in slaap. De dagen erna was ik wazig, alsof ik verdoofd was. Ik heb het overleefd, bleef ik denken. Vanuit mijn werk was er echt alle betrokkenheid. Ik kon thuisblijven zo lang ik wilde en er werd een psycholoog ingeschakeld. Maar aan therapie had ik geen behoefte. Ik ben een heel nuchter mens en had meteen al het gevoel dat ik dit zelf kon verwerken. Maar voor de anderen die bij de overval betrokken waren geweest, heb ik ingestemd met een groepsgesprek met een therapeut. Zo hoorde ik ook hoe zij het hadden beleefd. Daarna was het voor mij qua therapie afgesloten."

Lees ook Eline (23) raakte zwaargewond bij de tramaanslag in Utrecht: ‘Het is eerste wat ik dacht, was dat hij zichzelf zou opblazen’

Domme pech

"Na vier dagen besloot ik weer aan het werk te gaan. Ik had het idee dat als ik te lang wachtte, het steeds moeilijker zou worden. Ik wilde terug zijn waar het was gebeurd en er niet angstig van worden. Dat gunde ik de overvallers niet. Bovendien hadden ze het niet persoonlijk op mij gemunt. Dat maakte het voor mij makkelijker om het achter me te laten. Het was domme pech, het draaide om het geld. Toch gaat zoiets je niet in de koude kleren zitten. Vooral in het begin had ik angstige momenten.

Als iemand bijvoorbeeld in het zwart gekleed de zaak in kwam, maakte mijn hart een sprongetje. En ik ging al twintig minuten voor sluitingstijd bij de deur staan, zodat ik kon zien wie eraan kwam. Maar verder ging het best goed, geen nachtmerries of herbelevingen. En het leven ging ook gewoon door, waardoor er genoeg afleiding was."

Dit is een Real Life uit Flair. De rest van Sarahs verhaal lees je in Flair 12-2022. Deze ligt van 23 t/m 29 maart in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen kan hier.

tekst Michelle Iwema | fotografie Ester Gebuis

Flair

Op alle verhalen van Flair rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@flair.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden