Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Mannengeheimen > Floris (29): ‘Mijn vriendin is politieagent en ze weet niet dat ik fraude heb gepleegd’

Floris (29): ‘Mijn vriendin is politieagent en ze weet niet dat ik fraude heb gepleegd’

Floris (29): ‘Mijn vriendin is politieagent en ze weet niet dat ik fraude heb gepleegd’

‘Ik geloof dat ik de vrouw van mijn dromen heb gevonden. Voor het eerst ben ik met iemand met wie ik een toekomst samen zie en met wie ik kinderen zou willen. Het enige probleem is dat ik een geheim voor haar heb.

Mijn maag knijpt samen als ik eraan denk hoe ze zal reageren als ik het haar vertel. Want dat ik een keer eerlijk tegen haar moet zijn, staat vast. Maar ik wil het nog even uitstellen, wachten tot onze relatie sterk genoeg is. Ik hoop dat ze tegen die tijd zo veel van me houdt, dat ze me niet in de steek zal laten vanwege de fouten die ik in het verleden heb gemaakt. Onze relatie is nu gewoon nog te pril.

Ik heb Sophie een half jaar geleden ontmoet. Sinds een maand is het officieel aan. Voor mij was het liefde op het eerste gezicht, maar Sophie hield de eerste tijd de boot af. Het was nog maar net uit met haar vorige vriend, met wie ze drie jaar had samen gewoond. Ze was pas verhuisd, moest van alles regelen en ze was nog bezig om de breuk te verwerken. Ik heb haar de tijd en ruimte gegeven en een luisterend oor. Ze heeft heel wat afgehuild bij me. Haar ex was vreemdgegaan met een van haar vriendinnen. Ze was dus door twee mensen bedrogen. Ze vroeg zich tijdens zo’n huilbui eens hardop af of ze mensen ooit nog kan vertrouwen, ik verzekerde haar dat er meer trouwe partners en vrienden rondlopen dan ontrouwe. ‘Hier zit er een voor je’, zei ik. Terwijl ik dat zei, voelde ik me zo schijnheilig.

Als Sophie kapster zou zijn geweest of secretaresse zou het niet zo’n probleem zijn om haar te vertellen over mijn missstap. Maar Sophie is politieagent. Ze moet ‘van onbesproken gedrag’ zijn en haar familie en vrienden zijn zelfs gescreend. Ik weet niet hoeveel risico ze loopt als er wordt ontdekt dat ze een ‘fout’ vriendje heeft. Twee jaar geleden ben ik op staande voet ontslagen omdat ik had gefraudeerd. Ik had gerommeld met bonnen en rekeningen van klanten en geld naar mijn eigen rekening doorgesluisd. Dat heb ik over een periode van anderhalf jaar gedaan, dus het ging over veel geld. Ontzettend stom natuurlijk, maar ik had veel schulden en zag geen uitweg meer. Mijn baas kwam erachter en hij nam geen halve maatregelen. Ik hoefde de volgende dag niet meer terug te komen en hij dreigde aangifte te doen bij de politie.

Smeken

Ik heb hem gesmeekt of hij dat niet wilde doen, omdat mijn toekomst dan voorgoed geruïneerd zou zijn. Voor de rest van mijn leven zou ik het stempel van een crimineel houden en misschien nooit meer een goede baan kunnen vinden. Ik had echt enorme spijt. Ik heb hem ook gevraagd het niet aan mijn collega’s en familie te vertellen. Omdat ik altijd heel hard had gewerkt en op dat punt een goede werknemer was geweest, was hij bereid met me mee te denken over een oplossing. We besloten te zeggen dat ik een burn-out had. Dat was geloofwaardig, omdat ik behoorlijk in de put was geraakt door de hele situatie. Na twee maanden heb ik zelf ontslag genomen.

Gek genoeg was ik ergens opgelucht dat mijn baas erachter was gekomen. Ik hoefde niet meer zo op mijn hoede te zijn. In de tijd dat ik fraude pleegde, was ik een nagelbijtende zenuwlijder geworden. Ik sliep slecht, had geen enkele rust. Er viel een soort last van me af. Mijn baas stelde een regeling op voor terugbetaling van het geld, ik tekende een overeenkomst waarin stond dat ik het geld in termijnen zou terugbetalen, over een periode van drie jaar. Ik heb er nu twee jaar op zitten. In het contract staat ook dat als ik mijn verplichting niet nakom, er alsnog aangifte vanwege verduistering zal worden gedaan. Om dat te voorkomen, werk ik heel hard. Ik heb twee banen, Ik werk in de verkoop bij een Telecombedrijf en drie avonden in de week en in het weekend bij een restaurant. Sophie is er erg van onder de indruk dat ik zo hard werk. Ik heb haar verteld dat ik nog studieschulden moet aflossen en dat ik spaar voor een wereldreis.

Eens moet ik haar natuurlijk de waarheid vertellen. Dat ik dat tot nu toe niet heb gedaan, is uit angst voor onze relatie. En ik wil haar niet opzadelen met iets wat ze geheim moet houden voor haar werkgever. Ik wacht ook liever tot ik alles heb afbetaald. Zodat ik kan zeggen dat ik destijds een verkeerde keuze heb gemaakt, maar het op een volwassen manier heb opgelost. Dat ik heb geboet voor mijn fouten. Ik troost me met de gedachte dat als mijn toenmalige werkgever me heeft kunnen vergeven, zij het hopelijk ook zal kunnen.”