Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Hij Zij > Bij de relatietherapeut: ‘Gênant, maar ik heb zelfs een keer zijn fietsband lek geprikt. Dat ging best ver’

Bij de relatietherapeut: ‘Gênant, maar ik heb zelfs een keer zijn fietsband lek geprikt. Dat ging best ver’

Bij de relatietherapeut: ‘Gênant, maar ik heb zelfs een keer zijn fietsband lek geprikt. Dat ging best ver’

Elke week komt iemand uit de praktijk van relatietherapeut Marcelino Lopez in Flair aan het woord over zijn of haar problemen. Via de QR-code lees je nu online hoe het verder is gegaan.

Basje: ‘Ik kan boosheid heel goed vasthouden. Dat was mijn manier om Marinus en Geertje te blijven straffen. Ik wilde eigenlijk dat zij zich net zo slecht voelden als ik. Soms strafte ik Marinus  met van die kinderachtige, pietluttige dingen. Express geen koffie voor hem zetten. Express iets vergeten mee te nemen uit de supermarkt. Express iets níet doen als hij daar wel om vroeg. Dat soort dingen. Trouwens, Marinus meestal niet eens door dat ik hem probeerde te raken. Gênant, maar ik heb zelfs een keer zijn fietsband lek geprikt. Dat ging best ver.’

‘De therapie heeft me laten zien dat ik door die houding eigenlijk vooral mezelf straf. Een vraag die Marcelino stelde bleef hangen: “Wanneer vind je dat Marinus en Geertje genoeg zijn gestraft?”’Ik had daar geen goed antwoord op.

‘Het schrijven rakelde veel woede en verdriet op, maar gaandeweg gingen die rauwe emoties er een beetje vanaf en begon ik aan mijn eigen slachtoffergedrag te twijfelen. Wat kan Marinus eigenlijk wel doen zodat ik hem kan vergeven? En Geertje? Hebben ze niet al genoeg gedaan eigenlijk?’ 

‘Er was een doorbraak toen ik een paar fotoboeken van vroeger inkeek. Dat deed ik om mezelf te confronteren. Daarin stonden ook foto’s van ons drietjes vroeger. Fascinerend. Geertje, extreem mager met die trieste zwartomlijnde ogen. Je ziet duidelijk dat ze toen heel ongelukkig was. Marinus met een dikke glimlach die zich helemaal nergens druk om leek te maken. En ik: ergens naïef maar ook een stralend en krachtig meisje. Geertje keek destijds ontzettend tegen me op, dat zag ik ook terug. Wat waren we alledrie eigenlijk nog onschuldig. Wat wisten we toen van het leven? Toch zag ik – als ik naar mezelf keek – ook een wijs zieltje. Het voelde bijna alsof die oude ‘ik’ op de foto mijn huidige ‘ik’ probeerde te troosten. Ik wilde vroeger altijd iedereen gelukkig maken. Ergens ben ik dat gevoel onderweg verloren. Ik ben veel cynischer geworden. Door die foto’s verlangde ik terug naar hoe ik toen was. Vrolijk, licht en gelukkig. Toen viel en een kwartje: ik kan zelf besluiten om weer zo te worden. ’

‘Inmiddels heb ik zowel Marinus als Geertje een handgeschreven brief overhandigd. Daaruit volgde in beide gevallen een emotioneel gesprek. Ja, ik heb het gevoel dat ik ze allebei nu echt vergeven heb. Het leven voelt lichter. Ook denk ik dat Marinus en ik weer dichter tot elkaar zijn gekomen.’

Marinus: ‘Basje was niet te doen de laatste tijd. En omdat ik haar niet altijd zo serieus nam werd ze alleen maar nog kribbiger. Nee, we hadden niet bepaald een gezellige uitwerking op elkaar. Hoe anders is dat nu? Het lijkt wel alsof er een klein wonder heeft plaatsgewonden.’ 

‘in de afgelopen twee weken was Basje duidelijk een stuk zachter en liever tegen mij. Omdat we met Marcelino hadden afgesproken dat zij haar verwerkingsproces aanvankelijk alleen met hem zou delen wist ik niet precies wat er precies in haar hoofd omging. Dat las en hoorde ik pas een week later, toen ze me die brief gaf. Dat deed ze tijdens een etentje thuis, zonder de kinderen erbij. Ik had haar favoriete eten gemaakt: een Indische rijsttafel. Ik verwachtte dat ik allerlei lelijke dingen over mezelf zou lezen, maar ik zag het meer als een liefdesverklaring. Ik was helemaal ontroerd. En dat gebeurt niet zo snel hoor.’

De afgelopen tijd besef ik ook meer dat Basje en ik iets heel moois hebben. Als je zo lang samen ben kun je elkaar heel erg als vanzelfsprekend zien, maar eigenlijk is het niet zo vanzelfsprekend dat je samen bent. Een oud-collega van mij heeft net gehoord dat zijn vrouw kanker heeft en hoogstens een jaar te leven heeft. Als ik zoiets hoor ben ik dankbaar dat wij het weer goed hebben samen. Ook ben ik blij dat Geertje en Basje nu weer maatjes zijn. Dat maakt hun leven ook een stuk leuker. Hun band gaat zo diep.’