Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Geen categorie > Lindsay werd verkracht in haar eigen huis: ‘Ik ben heel erg bang geweest om dood te gaan’

Lindsay werd verkracht in haar eigen huis: ‘Ik ben heel erg bang geweest om dood te gaan’

Lindsay werd verkracht in haar eigen huis: ‘Ik ben heel erg bang geweest om dood te gaan’

Tijdens een date werd Lindsay Arts (27) in haar eigen huis verkracht. Daarop belandde ze in een zware depressie en wilde zelfmoord plegen. “De hele avond beleefde ik keer op keer opnieuw. Het was alsof die handen weer om mijn keel geklemd zaten en ik kreeg amper lucht.”

Gezellige Tinderdate

“Het begon als een gezellige Tinderdate in een café. We hadden al een aantal weken contact en het leek me een leuke man. Hij had humor, zag er goed uit en we hadden dezelfde interesses. Ik was benieuwd of we ook in het echt een klik zouden hebben en gezamenlijk besloten we om eens een drankje te doen. We spraken af in een café bij mij in de buurt. Een vriendin van me wist daarvan. Dat deden we altijd. Als een van ons een Tinderdate had, was de ander op de hoogte waar, met wie en hoe laat. Just to be safe… Het was heel gezellig, maar ik voelde me niet seksueel tot hem aangetrokken. Wel dacht ik dat hij misschien een vriend zou kunnen worden. Daarom nodigde ik hem daarna bij mij thuis uit, net zoals ik met andere vrienden doe.”

Overdonderd en bang

“Het moment dat ik de voordeur achter me dichttrok, veranderde de sfeer. We hadden net onze jassen opgehangen en liepen mijn huiskamer in, toen hij me begon te zoenen. Ik was overdonderd. Had ik de verkeerde signalen afgegeven? Ik had meteen een soort onderbuikgevoel: dit klopt niet, dit is raar. Dat zoenen was zo out of the blue. Toen hij verder ging dan zoenen, heb ik al mijn moed bij elkaar verzameld om te zeggen dat ik dit niet wilde. ‘Wil je alsjeblieft stoppen? Ik wil dit niet!’ Maar hij trok zich daar niets van aan en ging gewoon door.

Ik was totaal overdonderd en bang. Zo ontzettend bang. Weglopen lukte niet. Hij was een sterke, lange man van rond de 1.95 meter en het lukte hem al vrij snel om me richting mijn slaapkamer te duwen. Voor ik het wist, lag hij boven op me en trok hij ruw mijn kleding uit. Ik kon geen kant op. Ik bleef herhalen dat ik dit niet wilde. Hierop legde hij zijn handen om mijn nek. Ik voelde hoe hij mijn keel dichtkneep en bevroor volledig. Als ik me nu verzet dacht ik dat ik het misschien niet meer kon navertellen. Ik was echt heel erg bang om daar, op dat moment, dood te gaan. Dus hield ik me stil terwijl hij seks met me had. Ik kon alleen maar hopen: laat dit snel voorbij zijn.

Hoe lang het duurde, weet ik niet. Het kan één uur zijn geweest, maar ook drie uur. Voor mijn gevoel duurde het uren, maar aan de andere kant ging het ook heel snel. Het was zo’n chaos in mijn hoofd. Ik herinner me niet alles meer, het zijn meer flarden. Opeens was het voorbij. Hij trok zijn kleding aan en trok daarna de deur achter zich dicht. Ik was in shock. Huilde niet, maar zat daar maar bevroren op bed.

Op een gegeven moment heb ik de telefoon gepakt om mijn vriendin te bellen hoe het was geweest, want dat deden we ook altijd als een date was afgelopen. In shock ratelde ik een kort riedeltje af. ‘Ja hoor, het was leuk. Maar ik weet niet of ik hem nog een keer zie.’ Wat ik precies zei, weet ik niet. Maar in elk geval repte ik met geen woord over wat me zojuist was overkomen. Dat kwam vooral omdat ik me zo schaamde. Ik vond het zo ontzettend dom van mezelf dat ik iemand in huis had uitgenodigd die ik niet kende. Ik had het gevoel dat ik het over mezelf had afgeroepen.”

Schaamte

“Het duurde twee maanden voordat ik aan iemand durfde te vertellen wat me was overkomen. Die periode was echt een blur. Ik probeerde heel hard om die avond te vergeten en mijn gevoelens te blokkeren, maar onbewust was ik er altijd mee bezig. Eigenlijk weet ik vrij weinig uit die periode. Een maand na de verkrachting was ik jarig, daar heb ik foto’s van. Ik lach en je ziet niets opmerkelijks aan me, maar ik herinner me niets meer van die dag. Niemand in mijn omgeving had iets in de gaten, maar ik was totaal leeg vanbinnen en functioneerde op de automatische piloot.

Dat ik zo lang niets heb gezegd, kwam doordat ik mezelf de schuld gaf. Ik was onverstandig geweest. Ik had hem in mijn eigen huis uitgenodigd terwijl ik hem niet kende. Wie doet dat nou? Dat vond ik vreselijk dom van mezelf. Had ik het op die manier niet uitgelokt? Ook schaamde ik me omdat ik jarenlang aan vechtsport had gedaan. Ik wist hoe ik me moest verdedigen, hoe ik moest vechten om hem van me af te krijgen. Maar ik bevroor, mijn lichaam deed niets. Dat vond ik enorm zwak. Daarom hield ik mijn mond. Ik hoefde van anderen niet te horen hoe dom ik was geweest en dat het mijn eigen schuld was, dat wist ik zelf maar al te goed.

Ook twijfelde ik over wat me nu was overkomen. Ik had altijd een ander beeld van verkrachting. Zo van: je rijdt in het donker naar huis en wordt in een park van je fiets getrokken. Mijn situatie was totaal anders. Ik had deze man bij mij thuis uitgenodigd waar hij misbruik van me maakte. Dus dat wat mij was overkomen, was geen verkrachting. Nee, ik had seks gehad terwijl ik dat niet wilde. Door het op die manier te verwoorden, maakte ik de gebeurtenis kleiner. Ik wilde niet toegeven wat er was gebeurd.

Hevige paniekaanval

Tot het moment kwam dat ik opeens een hevige paniekaanval kreeg, dat was twee maanden na de verkrachting. Ik lag in bed en beelden van de avond spookten door mijn hoofd. De hele avond beleefde ik keer op keer opnieuw. Het was alsof die handen weer om mijn keel geklemd zaten en ik kreeg amper lucht. In paniek hapte ik naar adem. Geslapen heb ik die nacht niet of nauwelijks, om het half uur werd ik wakker. Ik was compleet gebroken. De volgende ochtend durfde ik eindelijk een vriendin te bellen. Hortend en stotend vertelde ik wat er twee maanden geleden was gebeurd. Zij zei meteen: ‘Je moet nu de huisarts bellen, dit is niet goed. Ik ben bang dat je gekke dingen gaat doen.’

Vanaf toen is het balletje gaan rollen. Moeizaam belde ik de huisarts om haar te vertellen wat me was overkomen. Zij ging direct op zoek naar iemand die me psychologische hulp kon bieden. Ook heb ik aan vrienden die dichtbij stonden, verteld wat er was gebeurd. Zij gaven aan wat ik zelf niet had kunnen uitspreken: ‘Lindsay, wat jou is overkomen, is heel erg geweest. Je bent verkracht. Dat had nooit mogen gebeuren en het is zéker niet jouw schuld geweest.’

Mijn ouders heb ik ook verteld wat me is overkomen, maar zij reageerden anders dan ik had verwacht. Ze begrepen niet dat ik zo onverstandig was geweest om iemand mee naar huis te nemen. Het leek alsof ze mij de schuld gaven. Dat was heel heftig om mee te maken en maakte me nog verdrietiger. Uiteindelijk heb ik ook een tijd geen contact met ze gehad.”

Laat alles maar voorbij zijn

“Dankzij vrienden heb ik uiteindelijk toch de politie gebeld. Zelf zag ik dat niet zitten, ik was bang dat ze me niet zouden geloven. Maar vrienden overtuigden me dat het belangrijk was, straks deed hij het ook bij iemand anders? Ik nam telefonisch contact op, maar dat pakte totaal niet uit zoals ik had gehoopt. De agent die opnam, vertelde me dat ik niet naar het bureau hoefde te komen. Het was al te lang geleden. Aangifte doen zou moeilijk worden, zei hij. Na al die maanden zou er geen bewijsmateriaal meer zijn en er was volgens hem geen sprake van dwang.

In Nederland is verkrachting pas juridisch strafbaar als er sprake is van dwang, chantage of geweld. Er is in december 2019 een nieuw wetsvoordeel ingediend om seks tegen de wil ook strafbaar te maken. Maar als dat ingaat, gebeurt dit mogelijk pas eind 2020 of in 2021. Volgens de agent zou hij juridisch gezien niet veroordeeld kunnen worden. Ze konden niets meer voor me doen.

Dat was een klap in mijn gezicht. Zie je wel, dacht ik: het is tóch mijn eigen schuld. Ik voelde me ontzettend eenzaam, raakte depressief en uiteindelijk zelfs suïcidaal. Intussen kreeg ik ook niet de hulp die ik nodig had. Met mijn eerste hulpverlener had ik geen klik en was de vertrouwensband er niet. Mijn huisarts zorgde voor een nieuwe doorverwijzing, en nog een en nog een. Maar overal waren wachtlijsten of kon ik niet terecht: mijn trauma was te groot, mijn trauma was te klein… Het maakte me moedeloos.

Herbeleving

Ik sliep slecht, omdat ik nacht na nacht een herbeleving had. Ook voelde ik me nergens veilig. Op straat zag ik hem opeens voor me opdoemen, maar als ik dan beter keek bleek het iemand te zijn op wie hij leek. Thuis was de plek waar ik was verkracht. Zodra ik binnenkwam, zag ik zijn gezicht voor me. Hij was overal. Op een gegeven moment dacht ik: waar doe ik het nog voor? Ik was alleen maar bang. Ik voelde me zo slecht, dat het me beter leek om dood te gaan. Dan was alles tenminste achter de rug. Ik had zelfs een datum uitgesproken naar vrienden: 16 mei. Als ik me dan niet iets beter voelde, zou ik zelfmoord plegen. Van mij hoefde het niet meer.

Vrienden hebben via de huisarts toen de crisisdienst ingeschakeld. Een maand voordat ik uitsprak dat ik zelfmoord wilde plegen, had ik naar hen en mijn huisarts een wilsverklaring afgelegd. Als ik sprak over zelfmoord mochten zij ondanks dat ze geen familie waren – hulp inschakelen. Op dat moment was ik al zwaar depressief en dacht ik soms al aan de dood.

Het duurde uiteindelijk nog een paar maanden voordat ik bij de juiste hulpverlener terechtkon. Intussen hielden mijn vrienden me op de been. Ze vertelden me dat ze er voor me waren, dat ze van me hielden en dat ik ooit weer gelukkig zou worden. Ik verdiende hulp. Zelf had ik het op dat moment allang opgegeven. Eén keer belde ik woedend een vriend op: ‘Ik wil dat jullie me nú laten gaan. Ik wil niet meer dat jullie voor mij vechten.’ Maar hij bleef kalm en zei: ‘Lindsay, wij blijven. Jij verdient hulp.’ Het is door die reacties dat ik er nu nog ben.”

Terugvechten

“Inmiddels is het bijna vier jaar geleden. Het gaat het een stuk beter met me, al heb ik soms nog paniekaanvallen. Dan grijpt de angst me weer naar mijn keel en moet ik happen naar lucht. Gelukkig weet ik nu hoe ik met die aanvallen moet omgaan. Daardoor zijn ze minder intens. Een psycholoog stelde vast dat ik een posttraumatische stressstoornis had. Dankzij EMDR-therapie en de onvoorwaardelijke steun van mijn goede vrienden lukte het me om mijn trauma te verwerken. Om mijn gevoelens een plek te geven en alles te kunnen verwerken, ben ik begonnen met het bijhouden van een dagboek. Dat dagboek werd later een blog die ik ging delen met anderen en nu ben ik bezig met een boek over wat me is overkomen.

Door mijn verhaal te doen hoop ik seksueel geweld bespreekbaarder te maken. Dat anderen het sneller durven vertellen als het hen overkomt. En dat ze niet, zoals ik, hun mond blijven houden en daarna vast komen te zitten in het systeem en niet op tijd de juiste hulp krijgen.

Slachtoffers van seksueel geweld verdienen een betere positie. Sneller en betere hulp, zonder veroordelingen van anderen. Want dat heb ik zelf zeker gemerkt, iedereen heeft meteen een ongezouten mening als je vertelt dat je bent verkracht. Veel mensen doen – onbewust – aan victim blaming. Ze geven het slachtoffer de schuld. ‘Je hebt het vast zelf uitgelokt.’ ‘Je had moeten terugvechten, dan zou het vast niet zijn gebeurd.’ Enorm pijnlijk en onbegrijpelijk. Waarom zeggen mensen dat? Het is nooit de schuld van degene die verkracht wordt, wat er ook is gebeurd. Als iemand seks met je heeft, terwijl je dat niet wilt – of er nu sprake is van dwang of niet – dan is dat verkrachting. Dat besefte ik pas veel te laat. Ik hoop anderen die dit hebben meegemaakt, daar sneller van te overtuigen.”

Lees ook
Gina heeft Molukse roots: ‘We spraken thuis over het verleden, maar nooit over het verdriet’

Eindelijk erkenning

“Vorig jaar kreeg ik, nadat ik mijn verhaal deed bij tv-programma Zembla, alsnog de kans om aangifte te doen. De politie nam zelf contact met me op en ik kreeg te horen dat er destijds een fout was gemaakt tijdens ons telefonisch contact. Ik had wel aangifte mogen doen, want er was wél degelijk sprake van dwang tijdens de verkrachting, omdat hij zijn handen om mijn nek legde. De politie had niet genoeg doorgevraagd. Het doen van aangifte voelde als een stukje erkenning. Er was me iets overkomen waarvan wij als maatschappij zeggen dat dat niet mag. Dat is voor mij heel belangrijk geweest om alles een plek te geven. Helaas is het niet tot een strafzaak gekomen, maar de man die me verkracht heeft, werd wel opgespoord en is verhoord. Dat is voor mij al winst.

Hij weet dat hij iets heeft gedaan wat ik niet oké vind. En dat er juridisch geen bewijs is, ja dat is zijn geluk. Maar er staat wel een streepje achter zijn naam, want er is aangifte tegen hem gedaan. Alles had anders kunnen zijn, als ik nadat ik verkracht was meteen contact met de politie had opgenomen. Mogelijk hadden ze dan DNA-sporen aangetroffen waardoor hij wel veroordeeld kon worden. Maar op dat moment kon ik dat niet.

Tegen iedereen die slachtoffer is geweest van seksueel geweld, wil ik zeggen: als het je lukt, probeer in elk geval een melding bij de politie in te dienen. Een melding heeft namelijk áltijd zin. Op het moment dat er over een persoon meerdere meldingen binnenkomen, bestaat de kans dat de politie toch een onderzoek gaat starten. Bovendien is het laagdrempeliger dan een aangifte, want bij een melding stel je de politie alleen op de hoogte van de situatie en doe je geen verzoek om strafvervolging.

Ik weet dat ik nooit meer de vrouw word die ik hiervoor was, dat kan ik ook niet van mezelf vragen. Maar ik heb wel de regie over mijn leven terug. Mijn studie heb ik afgemaakt, ik ben mijn eigen bedrijf begonnen waarbij ik werknemers help met planning, structuur en communicatie, ik heb lieve vrienden om me heen en met mijn ouders is het uiteindelijk weer goed gekomen. We hebben lang gepraat en alles uitgesproken, daar ben ik dankbaar voor. Ik durf eindelijk te zeggen dat ik het leven weer leuk vind.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

Tekst: Babette Dessing