Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Column > Eva Breda: ‘Jij, een angststoornis? Dat had ik nou nooit bij jou verwacht’

Eva Breda: ‘Jij, een angststoornis? Dat had ik nou nooit bij jou verwacht’

Eva Breda: ‘Jij, een angststoornis? Dat had ik nou nooit bij jou verwacht’

Eva Breda (24) is journalist, podcastmaker én cliënt. In haar podcast Komt Een Meid Bij De Psych probeert ze de drempel naar psychische hulp te verlagen door zelf in therapie te gaan. Iedere week bespreekt ze mentale gezondheid in een column.

Stigma mentale gezondheid

“Jij, een angststoornis? Dat had ik nou nooit bij jou verwacht.” Sinds mijn hele therapie als podcast te beluisteren is, leert heel de wereld, inclusief ikzelf, mij een stuk beter kennen. Eng, maar noodzakelijk. Want stigma kleeft hardnekkiger vast aan mentale klachten dan die kauwgom aan mijn favoriete broek. En helaas is stigma niet zomaar weg te werken met een beetje pindakaas en een nachtje in de vriezer.

Somberheid, trauma, een dakloze vader, de angst om alleen te zijn: men zoekt het niet achter mij. “Dankjewel”, hoor ik mezelf zeggen. Een compliment aan mijn doorzettingsvermogen. Aan mijn veerkracht en mijn voorkomen. Een compliment aan mijn opvoeding en mijn moeder die ondanks alle ellende en verslaving binnenshuis toch een nuchtere basis wist neer te zetten waar mijn broer en ik op konden voortbouwen. Dat hebben we maar mooi gedaan met z’n allen. En toch wringt er iets als ik dat compliment krijg.

Ik dacht altijd dat we van stigma af waren. We praten inmiddels toch makkelijk over onze mentale (on)gezondheid? Op Instagram zie ik regelmatig #reallife talk of betraande selfies. De winkels liggen vol met boeken rondom mentale gezondheid. En zelfs prinses Amalia en koningin Máxima gaven openlijk aan dat praten met een psycholoog voor hen geen issue is. Eat that, stigma!

Maar onder de oppervlakte woedt het nog. In de manier waarop ik sommigen hoor praten over die mensen die hun emoties tonen op social media. “Wat een aandachtszoeker. Moet dat nou?” In de manier waarop ik mensen met mentale klachten betutteld zie worden. “Misschien is dat project wat veel voor je. Ik neem je taken wel van je over.” In de manier waarop mensen me complimenteren over hoe ‘normaal’, succesvol, vrolijk of verzorgd ik overkom ondanks mijn klachten.

Waarom ben ik ‘niet het type’ voor een psychische aandoening? Wat zegt dat over hoe we kijken naar mensen met mentale klachten? Het is lief bedoeld. Maar het is niets meer dan stigma, liefkozend verpakt in een pakketje van ongevraagde ondersteuning en onwetendheid. 

Lees ook
Eva Breda: ‘Het is een uitdaging om gelukkig te zijn zonder eigen huis, zonder vast contract, maar mét studieschuld’

Bijna de helft van de Nederlanders krijgt in hun leven te maken met een psychische aandoening. Ja, ook die mensen met een goede baan. Die mensen die hard lachen op feestjes. Die mensen met een prachtig gezin en een rijk sociaal leven. Het hebben van mentale klachten betekent niet automatisch dat je geen onderdeel meer van de maatschappij bent of kunt zijn. Soms is dat zo. Dat is oké. Soms is het niet zo. Ook dat is oké. 

Ik zag mezelf ook nooit als het type voor een angststoornis. De hele grap is dat ik daardoor lang niet doorhad dat ik nou juist wel iemand wás met een angststoornis. En dat ik veel te laat hulp zocht. De nare en gevaarlijke bijsmaak van lief verpakt stigma.

Mocht iemand je ooit vertellen dat hij of zij kampt met mentale klachten, vul dan niet in wat iemand nodig heeft, maar vraag waar iemand behoefte aan heeft en luister. Slik je ‘dit had ik nooit bij jou verwacht’ in en help zo stigma tegen te gaan. Misschien komt dan ooit nog de dag dat ik te horen krijg: “Jij, een angststoornis? Daar vind ik je nou écht een type voor.” Hmm… Daar bedank ik toch voor.